click below
click below
Normal Size Small Size show me how
3.1.1
Blok 3.1.1 geneeskunde
| Question | Answer |
|---|---|
| Bij welke PO2 daalt zuurstofsaturatie drastisch snel? | 5,3 kPa/mmHg |
| wanneer schuift zuurstof-sat curve naar rechts? | - acidose - verhoogde lichaamstemp - verhoogde 2,3 DPG-concentratie - verhoogde concentratie CO2 |
| Meten van de cardiac output kan op twee manieren, welke 2? | met 1) pulmonale arterie katheter met 2) doppler echografie |
| wat is het 1e symptoom bij shock? | hypotensie |
| welke 3 mechanismen zijn er die hypotensie tegengaan bij shock? | 1) stimulatie baro- en chemoreceptoren (vrijkomen (nor)adrenaline, vasoconstrictie) 2) verlaagde perfusie van de nieren --> vrijkomen renine + angiotensine (vasthouden natrium en water) 3) ADH + cholesterol komt vrij (vasthouden water) |
| Wat zien we vaak bij patienten in shock? | hyperglycaemie door verhoogde concentratie glucagon en cortisol (insuline antagonist) |
| wat is karakteristiek bij septische shock? | - vasodilatatie - hoge cardiac output |
| SIRS kan leiden tot... | sepsis, dat is SIRS door infectie |
| sepsis kan leiden tot... | ernstige sepsis, dat is sepsis met orgaandysfunctie, hypotensie of hypoperfusie. |
| ernstige sepsis kan leiden tot... | septische shock, dat is ernstige sepsis waarbij toedienen van vocht bij de patiënt niet helpt. |
| welke waardes zijn verhoogt bij leverfalen? | 1)bilirubine 2)serum glutamic oxaloacetic transminase 3)lactaatdehydrogensa |
| welke waardes zijn verhoogt bij nierfalen? | plasma creatinine, er is daarnaast ook een lage urine output. |
| Welke ondersteuning wordt er gegeven bij sepsis? | - insuline en dextroseinfusie - omega 3 zuren - steroïden - bloedfiltratie (wegvangen cytokinen) |
| Klasse I hypovolemische shock | <15% bloedverlies |
| klasse II hypovolemische shock | - 15 - 30% bloedverlies - verhoogde diastolische bloeddruk - pols 100-120 |
| klasse III hypovolemische shock | - 30 - 40% bloedverlies - algehele bloeddruk verlaagd - pols >120 |
| klasse IV hypovolemische shock | - >40% bloedverlies - algehele bloeddruk zeer verlaagd - pols >120, nauwelijks voelbaar - suf/warrig/buiten bewustzijn |
| Bij trauma alleen CT scan indien patient stabiel | bij trauma met grote kracht: altijd CT-scan na stabiel maken patient |
| hoeveel % wordt geopereerd na steekwonden? | 30% |
| hoeveel % wordt geopereerd na schotwonden? | 100% |
| Bij hoeveel % van stomp letsel wordt er laparotomy gedaan, en wat is het vaakst aangedaan? | in 20% van de gevallen, milt is het vaakste aangedaan. |
| wat is het standaard middel om vasculair letsel te diagnosticeren? | angiografie |
| Wat is het sterftepercentage binnen een jaar bij een collumfractuur? | 10 - 30% |
| wat is het verschil bij trauma bij kinderen ten opzichte van volwassenen | kinderen zijn/hebben... 1) gevoeliger voor onderkoeling 2) betere compensatie voor hypovolemie zonder ontwikkeling lage bloeddruk |
| waar op te letten bij grote snijwonden in gezicht? | 1) goed schoonmaken 2) dat er voor verdoving gecontroleerd wordt of n. fascialis nog functioneert. |
| wat is de behandeling bij compartimentsyndroom? | fasciotomie |
| Gasgangreen is infectie van de spieren. Door welke ziekteverwekker? | clostridium perfringes |
| welke behandeling is aangewezen bij gasgangreen? | 1) chirurgie 2) geef penicilline + clinamycine |
| wat is de pathofysiologie van crush syndroom? | Wanneer zwaar voorwerp lang op extremiteit heeft gelegen en dit zware voorwerp wordt opgetild zal er veel vocht richting dit aangedane deel gaan wat leidt tot hypovolemie |
| wat is de aangewezen behandeling bij compressie, contusie of tractieverwondingen aan zenuwen | eerst 8 weken aankijken --> geen herstel? --> binnen een maand chirurgie |
| welke 3 zone's heeft een brandwond? | 1) centrale zone (hierbij is de schade onomkeerbaar) 2) zone van statis (cellen kunnen overleven/afsterven) 3) erythema (telt niet mee met aangedane huid, deze zone herstelt binnen 7 dagen) |
| welke creme geeft antibacteriele werking bij brandwonden? | zilver sulfadiazine. |
| brandwonden met volledige diepte vereise ALTIJD een huidverband. | !!! |
| met welke 2 formules kan er berekend worden hoeveel vocht er moet worden toegediend bij brandwonden? | 1) Muir en Barclay's formule 2) Parkland formule |
| Wat is een risico bij brandwonden >20% van het lichaamsoppervlak? | hypovolemische shock |
| Wat is het beleid bij acute longschade? | beperken pulmonale oedeemvorming door 1) vloeistofrestrictie 2)diuretica (furosemide) 3)hemofiltratie (pas als bovenstaand faalt) |
| wanneer spreken we van respiratoir falen? | 1. bij PaO2 < 8 kPa/60 mmHg 2. bij PaCO2 > 7 kPa/55 mmHg |
| verschil type 1 en type 2 respiratoir falen | type 1 is acuut, type 2 langdurig type 1: laag/normale PaCO2 vs hoog bij type 2 type 1: cardiogeen, pulmonaal oedeem, pneumonie (bv.) type 2: COPD, misvormingen thorax wand |
| problemen bij massieve bloedtransfusie | 1) de zuurstofaffiniteit voor Hemoglobine stijgt (door minder 2,3 DPG) 2) opgeslagen bloed is kouder: hypothermie 3) citraat in opgeslagen bloed bind calcium: hypocalciemie 4) coagulopathie (slechte stolling) 5) hyperkaliemie |
| AB bij gastro enteritis. | AB vaak niet nodig, <48 h --> ciprofloxacine/metronidazol |
| AB bij pseudomembraneuze collitis | metronidazol/ vancomycine(2e lijn) |
| AB bij peritonitis galwegen | co-amoxicilline-clavunalaat of ampicilline + gentamicine + metronidazol |
| AB bij oesofagale perforatie | fluconazole of itraconazol + co-amoxicilline-clavunalaat |
| AB bij borstabces/mastitis | flucloxacilline, cefradine of erytromycin |
| AB bij pneumonie | co-amoxicilline-clavunalaat + claritromycine |
| AB bij beten (hond, mens, kat) | co-amoxicilline-clavunalaat of doxycycline |
| AB bij necrotiserende fasciitis | chirurgie + piperacilline-tazobactam + clindamycine |
| AB bij wondinfectie na chirurgie | co-amoxicilline-clavunalaat |
| AB bij geinfecteerde traumawond | cefradine of erytromycine |
| Bekkenfracturen Type A (type's) | Type A - stabiel A1 - ring is niet betrokken A2 - ring is wel betrokken |
| Bekkenfracturen Type B (type's) | Type B - rotatie instabiel, verticaal stabiel B1 - AP - compressie fracturen (open boek) B2 - laterale compressie (ipsilateraal) B3 - laterale compressie (contralateraal) |
| Bekkenfracturen Type C (type's) | Type C - rotatie & verticaal instabiel C1 - unilateraal verticaal instabiel C2 - bilateraal verticaal instabiel |
| Over welke botstructuur moet bij de initiele behandeling van een bekkenfractuur de bekkenringrand altijd overheen worden geschoven? | trochantor major |
| behandeling bekkenfracturen | A1 + A2 conservatief B1 externe/interne fixatie B2 + B3 interne fixatie bij verplaatsing, anders conservatief C1 + C2 interne fixatie |
| Wat is de werkzame stof bij het bicarbonaat buffersysteem? | H2CO3 (uit CO2 en H2O) |
| wat is de werkzame stof bij het fosfaatbuffersysteem? | H2PO4- |
| bij ernstige hypercapnie wordt de ademhaling... | onderdrukt |
| welke factoren zorgen voor hogere waterstofsecretie en HCO3- reabsorptie? | - PCO2 verhoogd - H+ verhoogd - HCO- verlaagd - laag extracellulair vloeistofvolume - verhoogde angiotensine/aldosteron - hypokaliemie |
| waar vind de omzetting van glutamine naar NH4+ en HCO3- plaats? | in de proximale tubulaire cellen |
| Type A en B lactaatacidose | type A: door slechte weefselperfusie Type B: adequate weefselperfusie met ziekte, door medicijnen of als gevolg van aangeboren fouten |
| plateaufase myocardcontractie | veroorzaakt door calciumionen die L-type calcium channels binnengaan |
| zenuwinnervatie hart: adrenerge zenuwen | via B1 receptoren, positief inotroop effect na binding met (nor)adrenaline |
| zenuwinnervatie hart: cholinerge zenuwen | via M2 receptoren (nervus vagus). remmende effecten overheersen sympaticus |
| Obstructie rechter/linker coronair arterie | rechter obstructie geeft sinusbradycardie en AV-knoop blokkade linker obstructie geeft myocard dysfunctie |
| waar wordt de CVP gemeten? | in de vena jugularis interna |
| Harttonen (S1 t/m S4) | S1 - sluiten AV kleppen S2 - sluiten aorta- en pulmonalisklep S3 - te snelle vulling ventrikels, pathologisch bij volumeoverbelasting S4 - krachtige contractie atria, altijd pathologisch |
| 1e graads AV-blok | verlenging PR-interval --> verlate contractie ventrikels |
| 2d graads AV-blok | Mobitz I (wenkebach) - progressieve PR verlenging Mobitz II - sporadische afwezigheid QRS comlpex(indicatie pacemaker) |
| 3 graads AV-blok | complete blokkade van AV knoop, atria en ventrikels contraheren onafhankelijk van elkaar. |
| behandeling atriumfibrilleren | 1) cardioversie 2) anti coagulantia |
| brugada syndroom | erfelijke aandoening waarbij de elektrische activiteit van het hart is verstoord. oorzaak = verlies van functie van natriumkanalen. HOGE KANS ventrikel fibrilleren --> ICD inbrengen!!! |
| Hartcellen gebruiken oxidatieve fosforylering als enegiebron | gevoelig voor ischemie!!! |
| hypertrofie door te hoge druk. | nieuwe sacromeren worden gemaakt PARALLEL aan bestaande |
| hypertrofie door te hoog volume. | nieuwe sacromeren worden gemaakt IN SERIE aan bestaande |
| Wat dienen ALLE patienten met acuut hartfalen te ontvangen? | heparine als profylactische antistolling |
| diagnostische criteria linkzijdige hypertensieve hartziekte | - hypertrofie linker ventrikel zonder andere cardiale pathologie - een geschiedenis van hypertensie |
| wat is de meest voorkomende oorzaak voor mitralisklepstenose? | reumatische koorts met als gevolg reumatische hartziekte |
| Alle symptomatische patienten hebben een aortaklep vervanging nodig bij aortaklepstenose!!! | !!! |
| Quincke's sign | cappilaire pulsatie in het nagelbed |
| Messet's sign | knikken van hoofd bij elke hartslag |
| pulmonalisklepstenose vs. pulmonalisklepinsufficientie | pulmonalisklepstenose wordt behandelt met pulmonaire valvotomie. bij pulmonalisklepinsufficientie is er bijna nooit behandeling nodig |
| behandeling oesofagusruptuur (hoog sterftecijfer) | chirurgie + breedspectrum AB |
| behandeling pericarditis | behandel onderliggende oorzaak. + bedrust + NSAID (aspirine 1e keus). bij constrictieve pericarditis is chirurgische verwijdering van pericard geindiceerd. |
| wanneer wordt er gesproken van een positieve familieanamnese gaande hartziekte | wanneer 1e graads familielid voor leeftijd van 50 jaar ischemische hartziekte heeft gehad. |
| wat is gecontra indiceerd bij instabiele angina pectoris? | beta blockers. |