Save
Upgrade to remove ads
Busy. Please wait.
Log in with Clever
or

show password
Forgot Password?

Don't have an account?  Sign up 
Sign up using Clever
or

Username is available taken
show password


Make sure to remember your password. If you forget it there is no way for StudyStack to send you a reset link. You would need to create a new account.
Your email address is only used to allow you to reset your password. See our Privacy Policy and Terms of Service.


Already a StudyStack user? Log In

Reset Password
Enter the associated with your account, and we'll email you a link to reset your password.
focusNode
Didn't know it?
click below
 
Knew it?
click below
Don't Know
Remaining cards (0)
Know
0:00
Embed Code - If you would like this activity on your web page, copy the script below and paste it into your web page.

  Normal Size     Small Size show me how

Antropologie

QuestionAnswer
1. De beroepscode van sociaal werk is onderdeel van … van sociaal professionals De structure
2. Als marleen de Witte het heeft over self-making van culturele identiteit, dan heeft ze het over … Agency
3. Volgens Sophie Withaeckx (eergerelateerd geweld. Andere term, betere hulp) moeten hulpverleners divers-sensitief hulpverlenen. Wat is dat? Hulpverleners moeten niet te veel cultuurverschillen benadrukken, en ook letten op sociale klasse, opleidingsniveau, gender en leeftijd
4. De nationale identiteit wordt steeds opnieuw uitgevonden, wordt wel gezegd. Wat voor soort uitspraak is dat? Een constructivistische uitspraak
5. Welke uitspraak is het meest in overeenstemming met de logica van de meritocratie? Ik heb er hard voor gewerkt, dus ik verdien het
6. Welke beschrijving van ‘invoegen’ (Margot Scholte) is correct? Invoegen is: Werken aan de gevolgen van structurele problemen
7. Als iemand stelt dat boze, agressieve worpen mannelijk zijn, dan is er sprake van: Genderiseren
8. Wat houdt de visie van Granovetter in? Juist mensen met wie weinig verbanden bestaan kunnen een netwerk versterken.
9. Het vooroordeel dat centraal staat in deze casus is een vorm van … (Casus van nepadvies voor jongens tijdens de gymles: gooi een bal niet te slapjes, dat is voor meisjes … ) Essentialisme
10. (Als de nadruk ligt op het werken volgens protocollen … beslissingen te nemen) Welke term past het best bij die discretionaire ruimte? Agency
11. (In 2014 mengde Thierry Baudet … aan genderiseren doet) Wat betekent dat? Hij kleurt de hokjes ‘man’ en ‘vrouw’ in.
12. Als de oorzaak van probleemgedrag van jongeren wordt gevonden in hun culturele achtergrond, waarbij de cultuur dus wordt gezien als verklaring van probleemgedrag, dan is er sprake van: Culturisme
13. Welke theorie gaat ervan uit dat mensen zelf betekenis verlenen aan hun omgeving en dat sociale processen hierbij een prominente rol spelen? Sociaal constructivisme
14. Als je een cultuur ziet als een statische, homogene eenheid die niet, of langzaam verandert, dan ga je uit van een … Essentialistisch cultuurbegrip
15. Symbolisch geweld kan sociale ongelijkheid rechtvaardigen, stelt Jeroen Boekhoven. Wat bedoelt hij daarmee? Als ongelijkheid wordt gepresenteerd als vanzelfsprekend, dan lijkt die ongelijkheid rechtvaardig.
16. (In een interview stelde Geert Wilders … moeten wegsnijden”) Als taal een handeling is, zou je deze taalhandeling van Wilders omschrijven als een sociaal hypochondrische handeling (1) of als essentialistische handeling (2) Beide: 1 en 2 zijn correct
17. (De Telegraaf plaatste een artikel over vluchtelingen waarin sprake is van een ‘kansloze asielplaag’.) Wat doet die tekst in de krant volgens Renée Frissen (Voor een vluchtelingen zijn woorden net zo goed als daden, 2015)? Telegraaflezers gaan de vluchtelingenproblematiek zien als iets dat onze veiligheid bedreigt.
18. Volgens socioloog Nathalie Heinrich is identiteit meer dan nationale identiteit. Nationale identiteit is niet breed genoeg, stel ze. Wat is haar argument? Identiteit bestaat uit veel meer dimensies dan nationale identiteit.
19. (Forum voor democratie-leider Thierry Baudet … ‘oikofobie’ en ‘beschavingsfamilie.) Wat liet Baudet hiermee zien? Hij toonde zijn cultureel kapitaal
20. Als sociale professional hoor je een collega beweren dat ‘vrouwen toch minder geschikt zijn cliënten te vervoeren als chauffeur omdat het ruimteling inzicht van vrouwen minder goed ontwikkeld is’. Welke uitspraak zou je over die collega kunnen doen? Hij is een essentialist.
21. Waarom vindt Margo Trappenburg de oude principes van het sociaal werk niet altijd meer de goede principes? De cliënten van nu zijn vaak kwetsbaarder dan de cliënten uit de tijd van die principes.
22. (Als sociaal professionals contact opnemen … Margot Scholte bevinden die sociale professionals zich dan? Assen in het driedimensionaal model) Bij collectief en structuraliseren.
23. (De Telegraaf plaatste een artikel over vluchtelingen waarin sprake is van een ‘kansloze asielplaag’.) Welk begrip is van toepassing op het gebruik van het woord ‘asielplaag’ voor vluchtelingen? Sociaal hypochondrie
24. Volgens Spierts en Duyvendak (2013) verdienen de stille krachten van de verzorgingsstaat beter. Wie bedoelen ze met die stille krachten van de verzorgingsstaat? De sociaal professionals
25. (DENK is een Nederlands politieke partij … haarfijn aan te voelen.) Zou je kunnen stellen dat de migratiejongeren zich dankzij DENK makkelijker kunnen identificeren met Nederland? Ja, het versterkt normatieve identificatie met Nederland
26. Een sociaal professional die onderzoek gaat doen naar manieren om d te bestrijden en vindt dat het een oplossing is om mensen in armoede te leren omgaan met geld, legt nadruk op … Activeren en invoegen
27. Margot Scholte schrijft over verschuivende narratieven. Met welke van de onderstaande termen zou je het best de term ‘narratieven’ kunnen omschrijven? Discours (vertoog)
28. Amy-Jane Gielen beschrijft radicaliseren van jongeren als kwestie van vraag en aanbod. Wat is vraag en wat is aanbod in haar analyse? Vraag: Jongeren zijn opzoek naar identiteit. Aanbod: Radicale websites.
29. (Studenten Social Work doen tijdens … kunnen sluiten bij mensen.) Hoe zou je die soft skills kunnen omschrijven? Als een belichaamde vorm van cultureel kapitaal.
30. Volgens Swierstra en Tonkens kan meritocratisch denken tot nationalisme leiden. Hoe verklaren ze dat? Trots zijn op de nationale identiteit biedt de verliezers respect.
31. (Een hogeschool biedt studenten cursussen … uitmaakt van een probleemfiguratie.) Wat voor soort interventie is het aanbieden van mindfulness, in termen van Margot Scholte? Invoegen
32. In radicale en algemene kritiek op sociaal professionals wordt vaak de crowding out-these gebruikt (Spierts en Duyvendak, 2013). Wat houdt die these in? Een te actieve overheid slaat maatschappelijk initiatief van actieve burgers dood.
33. (Mensen die de mond vol hebben … systemen van betekenissen opleggen…) Waarover gaat dit eigenlijk? Over symbolisch geweld.
34. Marjo Buitelaar (2018) beschrijft de jongeren van Marokkaanse afkomst die zich identificeren als moslim als: Assertieve jongeren
35. Waardoor wordt symbolisch geweld vaak niet herkend? Alle drie de antwoorden zijn juist (vanzelfsprekend, je ziet het pas als je doorhebt, vaak gevat in vertrouwde taal)
36. (In een roemrucht artikel uit 2000 … wordt genomen, die heeft ook weinig te geven.’) Dit artikel is kenmerkend voor de richting die het integratiedebat op ging. Hoe is die richting te omschrijven? Het integratiedebat werd een debat over identiteit.
37. Volgens Bourdieu speelt cultureel kapitaal een grote rol bij sociale ongelijkheid. Welke van de onderstaande antwoorden gaat over cultureel kapitaal? Woordenschat
38. een pleidooi voor andere blik op nationale identiteit. Wat maakt het volgens Brouwe, Kremer en Meurs (Identificatie met Nederland, 2008) lastig om nationale identiteit als beleidsinstrument te gebruiken? Alle drie de antwoorden zijn juist (vooral op verleden gericht en bied weinig aanknopingspunten voor de toekomst, geschiedenis laat zien dat de nationale identiteit steeds opnieuw wordt uitgevonden, geen sprake van consensus over inhoud en betekenis).
39. Sociaal werkers moeten het onderscheid maken tussen sekse en gender en ook tussen genderidentiteit en genderexpressie. Is genderexpressie een sociale constructie? Ja, het de manier waarop mensen zich aan anderen presenteren.
40. (‘Dobberneger, migrantenhinder, gelukzoekers … in Algemeen Dagblad, 08-08-2015.) Welke uitspraak over de termen is juist Alle drie andere antwoorden zijn juist (Tineke Ceelen heeft bezwaren (2x), probleemfiguratie van de mensen … van Tineke Ceelen zelf.)
41. Welke uitspraak over symbolisch geweld is juist? Symbolisch geweld is onderdeel van een discours.
42. (‘Tijdens een discussieavond over diversiteit … is de norm en neutraal, zo wordt verondersteld.) Hoe wordt dit denken ook wel beschreven? Dispensatie van etniciteit en integratie
43. Margot Scholte schrijft over Mobility Mentoring als aanpak van armoede. Waarop is die aanpak gericht? Agency van cliënten
44. Welke beschrijving van ‘structuraliseren’ (Margot Scholte) is correct? Maatschappijhervorming.
45. Als een buschauffeur al jaren passagiers door Groningen vervoert dan is, ongeacht zijn afkomst, sprake van: Functionele identificatie met Groningen.
46. Waarom is het volgens Marjo Buitelaar goed om de islamisering van identiteit onder jongeren van Marokkaanse afkomst te begrijpen als jongerencultuur? Het biedt een ruimere verklaring voor het soms rebelse karakter van hun optreden.
47. Waarop is volgens Margot Scholte politiserende hulpverlening gericht? Op structuren.
48. Antropologen en sociologen maken onderscheid tussen structure en agency. Welke begrippenpaar past het best bij structure? Discours (vertoog) en patronen.
49. Welke uitspraak over de voor- en/of nadelen van de term ‘eer gerelateerd geweld’ is/zijn juist? 1. Het is een bedrieglijk begrip omdat eer niet per se problematisch is. 2. De nadruk op eer kan het wij-zij-denken doorbreken. 1 is juist, 2 is onjuist.
50. Wat is de beste omschrijving van de door Bourdieu gebruikte term ‘symbolisch geweld’? Macht van de vanzelfsprekendheid.
Created by: user-1936551
Popular Social Studies sets

 



Voices

Use these flashcards to help memorize information. Look at the large card and try to recall what is on the other side. Then click the card to flip it. If you knew the answer, click the green Know box. Otherwise, click the red Don't know box.

When you've placed seven or more cards in the Don't know box, click "retry" to try those cards again.

If you've accidentally put the card in the wrong box, just click on the card to take it out of the box.

You can also use your keyboard to move the cards as follows:

If you are logged in to your account, this website will remember which cards you know and don't know so that they are in the same box the next time you log in.

When you need a break, try one of the other activities listed below the flashcards like Matching, Snowman, or Hungry Bug. Although it may feel like you're playing a game, your brain is still making more connections with the information to help you out.

To see how well you know the information, try the Quiz or Test activity.

Pass complete!
"Know" box contains:
Time elapsed:
Retries:
restart all cards