Busy. Please wait.
or

show password
Forgot Password?

Don't have an account?  Sign up 
or

Username is available taken
show password

why


Make sure to remember your password. If you forget it there is no way for StudyStack to send you a reset link. You would need to create a new account.
We do not share your email address with others. It is only used to allow you to reset your password. For details read our Privacy Policy and Terms of Service.


Already a StudyStack user? Log In

Reset Password
Enter the associated with your account, and we'll email you a link to reset your password.
Don't know
Know
remaining cards
Save
0:01
To flip the current card, click it or press the Spacebar key.  To move the current card to one of the three colored boxes, click on the box.  You may also press the UP ARROW key to move the card to the "Know" box, the DOWN ARROW key to move the card to the "Don't know" box, or the RIGHT ARROW key to move the card to the Remaining box.  You may also click on the card displayed in any of the three boxes to bring that card back to the center.

Pass complete!

"Know" box contains:
Time elapsed:
Retries:
restart all cards
Embed Code - If you would like this activity on your web page, copy the script below and paste it into your web page.

  Normal Size     Small Size show me how

Chap 19 - De plant

Tematische woordenschat

WoordenVertalingen
De plant(-en) La plante
Groeien (groeide, is gegroeid) Pousser
Het veld(-en) Le champ
De akker(-s) = Het veld(-en) La terre (champ)
De wei(de) (weiden/weides) = Het weiland(-en) La prairie
De boer(-en) Masc. - De boerin(-nen) Fém. Le fermier - La fermière
De boerderij(-en) La ferme
Het product(-en) = Het gewas(-sen) Le produit / la récolte
Verbouwen (verbouwde, h. verbouwd) = Kweken (kweekte, h. gekweekt) = Telen (teelde, h. geteeld) Cultiver
De tuin(-en) Le jardin
Het gras(-sen) L’herbe
De voortuin(-en) Le jardin devant la maison
Tuinieren jardiner
De tuinman Le jardinier
Het tuinpad Le chemin dans le jardin, l’allée
Maaien Tondre
De grasmaaier La tondeuse
Het plantsoen Le parterre
Het park Le parc
Het bos Le bois
Het woud La jungle
De hei(de) La bruyère, lande
De boom L’arbre
Het blad < het blaadje La feuille
De tak La branche
De (boom)stam Le tronc
De wortel La racine
De bloem La fleur
De (bloem)bol Le bulbe
De knop Le bulbe
Bloeien Fleurir
De roos La rose
De tulp La tulipe
Het madeliefje La paquerette
De krokus Le crocus
De hyacint La jacinthe
De narcis Le narcis
Het water L’eau
Water geven Arroser
Plukken Ceuillir
De bos Le faggot, la botte
Het boeket Le bouquet
De struik L’arbuste
De heg =- de haag La haie
De den Le pin
De palm Le palmier
Het riet Le roseau
De groente Le legume
Het fruit Le fruit
De vrucht Le fruit
De landbouw L,agriculture
De landbouwgrond Le champ
De landbouwer Le fermier, l’agriculteur
Agrarisch Agraire, agricole
De veeteelt élevage
Het land Le terrain
Een stuk land = een lap grond La parcelle, le morceau de terrain
De grond = de aarde La terre
Vruchtbaar Fertile
Schraal Aride
De mest Le fumier, engrais
De kunstmest L’engrais artificiel
Biologisch Biologique
Het zaad La graine
Zaaien Semer
De korrel Le grain
De graan Le grain, céréale
De maïs Le mais
rijp Mûr
Oogsten Récolter
De oogst La récolte
Het stro La paille
Het hooi Le foin
De hooiberg La meule de foin
De schop La pelle
De hark Le rateau
Graven Creuser
Harken Ratisser
De tractor Le tracteur
Het kruid L’herbe aromatique
Het onkruid La mauvaise herbe
De paddenstoel Le champignon
Created by: gfm33