Busy. Please wait.
or

show password
Forgot Password?

Don't have an account?  Sign up 
or

Username is available taken
show password

why


Make sure to remember your password. If you forget it there is no way for StudyStack to send you a reset link. You would need to create a new account.
We do not share your email address with others. It is only used to allow you to reset your password. For details read our Privacy Policy and Terms of Service.


Already a StudyStack user? Log In

Reset Password
Enter the associated with your account, and we'll email you a link to reset your password.
Don't know
Know
remaining cards
Save
0:01
To flip the current card, click it or press the Spacebar key.  To move the current card to one of the three colored boxes, click on the box.  You may also press the UP ARROW key to move the card to the "Know" box, the DOWN ARROW key to move the card to the "Don't know" box, or the RIGHT ARROW key to move the card to the Remaining box.  You may also click on the card displayed in any of the three boxes to bring that card back to the center.

Pass complete!

"Know" box contains:
Time elapsed:
Retries:
restart all cards
Embed Code - If you would like this activity on your web page, copy the script below and paste it into your web page.

  Normal Size     Small Size show me how

Voorzetsels 18

Werkwoorden/uitdrukkingen met vast voorzetsel

VraagAntwoord
Het huis is … renovatie toe. toe zijn aan
Kom, ik trakteer … een ijsje. trakteren op
Ik heb trek … spaghetti. trek hebben in
De hond treurt … zijn baasje. treuren om
Ik ben trots … mijn resultaat. trots zijn op
Honden zijn heel trouw … hun baasje. trouw zijn aan
Ze is getrouwd met haar grote liefde. trouwen met
Ik twijfel … de oprechtheid van de directeur. twijfelen aan
Dat is typisch … hem. typisch zijn voor
Na het gesprek barstte hij … tranen uit. uitbarsten in
Onze sympathie gaat uit … zijn vrouw. uitgaan naar
Ik ga uit … zijn oprechte bedoelingen. uitgaan van
Je mag niet zo veel uitgeven … kleren. (geld) uitgeven aan
Hij gaf zich … een graaf uit. zich uitgeven voor
We kijken al uit … het feest! uitkijken naar (verlangen)
Het appartement kijkt uit … de zee. uitkijken op (uitzicht hebben)
Kijk uit … spelende kinderen ! uitkijken voor (opletten)
Dat komt uit … honderd euro per persoon. uitkomen op
Wees niet bang om … je mening uit te komen. uitkomen voor
Je bent van harte uitgenodigd … / … m’n verjaardagsfeestje. uitnodigen op / voor
De baas probeert druk … mij uit te oefenen. uitoefenen op
Daar wil ik me niet … uitspreken. (zich) uitspreken over
Ik zie uit … een andere baan. uitzien naar
De hotelkamer ziet uit … de zee. uitzien op (uitzicht hebben)
Ze valt … blonde mannen. vallen op
Created by: dirk.bouckaert