Save
Busy. Please wait.
or

show password
Forgot Password?

Don't have an account?  Sign up 
or

Username is available taken
show password

why


Make sure to remember your password. If you forget it there is no way for StudyStack to send you a reset link. You would need to create a new account.
We do not share your email address with others. It is only used to allow you to reset your password. For details read our Privacy Policy and Terms of Service.


Already a StudyStack user? Log In

Reset Password
Enter the associated with your account, and we'll email you a link to reset your password.
focusNode
Didn't know it?
click below
 
Knew it?
click below
Don't know
Remaining cards (0)
Know
0:00
share
Embed Code - If you would like this activity on your web page, copy the script below and paste it into your web page.

  Normal Size     Small Size show me how

Voorzetsels 17

Werkwoorden/uitdrukkingen met vast voorzetsel

VraagAntwoord
Na de dood van zijn partner stortte hij zich … zijn werk. (zich) storten op
We streven altijd … uniformiteit. streven naar
Soldaten strijden … de vijand. strijden tegen
Het buurtcomité strijdt … minder zwerfvuil op straat. strijden voor
Jouw verhaal is strijdig … het bericht daarover in de krant. strijdig zijn met
Dat is in strijd … de wet. in strijd zijn met
Studeer je wel genoeg … je examen? studeren voor
Morgen stuur ik dit pakket … mijn broer. sturen naar
De auteur had veel succes … zijn eerste boek. succes hebben met
Hij vindt de Keltische cultuur superieur … de Etruskische. superieur zijn aan
De betogers sympathiseerden … de gearresteerde rebellen. sympathiseren met
Belangen van diverse klanten kunnen tegengesteld zijn … elkaar. tegengesteld zijn aan
Ik heb gisteren zeker een halfuur … haar getelefoneerd. telefoneren met
Vergeet niet … de dokter te telefoneren! telefoneren naar
Ik was teleurgesteld … de organisatie. teleurgesteld zijn in
Je kan altijd … mij terecht voor meer informatie. terecht kunnen bij
Ik zal na de pauze … dat onderwerp terugkomen. terugkomen op
Zo’n crimineel schrikt niet terug … gewapende overvallen. terugschrikken voor
Hij is zeer tevreden … zijn nieuwe computer. tevreden zijn met/over
Je moet niet toegeven … haar driftbuien. toegeven aan
De lerares laat hem niet toe … het volgende niveau. toelaten tot
Het bedrijf wil zich toeleggen … de ontwikkeling van software. zich toeleggen op
Kan je de regel toepassen … deze zin ? toepassen op
We moeten dit werkwoord toevoegen … onze lijst. toevoegen aan
De jury moet er… toezien dat alles volgens de regels gebeurt. toezien op
Created by: dirk.bouckaert
 

 



Voices

Use these flashcards to help memorize information. Look at the large card and try to recall what is on the other side. Then click the card to flip it. If you knew the answer, click the green Know box. Otherwise, click the red Don't know box.

When you've placed seven or more cards in the Don't know box, click "retry" to try those cards again.

If you've accidentally put the card in the wrong box, just click on the card to take it out of the box.

You can also use your keyboard to move the cards as follows:

If you are logged in to your account, this website will remember which cards you know and don't know so that they are in the same box the next time you log in.

When you need a break, try one of the other activities listed below the flashcards like Matching, Snowman, or Hungry Bug. Although it may feel like you're playing a game, your brain is still making more connections with the information to help you out.

To see how well you know the information, try the Quiz or Test activity.

Pass complete!

"Know" box contains:
Time elapsed:
Retries:
restart all cards