click below
click below
Normal Size Small Size show me how
Recon 1
| Question | Answer |
|---|---|
| Welke 4 fasen kent wondgenezing? En hoe lang duren ze | 1. homeostase - seconden tot minuten 2. Inflammatie - Tot 2-3 dagen 3. Proliferatie - dag 3 tot 3 weken 4. Maturatie/remodellering - 3 weken tot 2 jaar |
| Wat doen de M1 en M2 macrofagen in de inflammatiefase van wondgenezing? | M1: pro-inflammatoir, fagocytose van cellen en debris in de inflammatiefase M2: anti-inflammatoire, stimuleren proliferatie en ECM aanmaak. |
| Wat zijn de 3 processen van de proliferatiefase van wondgenezing>? | 1. Granulatieweefselvorming 2. Re-epithelialisatie 3. Contractie |
| Hoe ontstaat abnormale wondgenezing? | Meestal door een stoornis in de inflammatiefase. Onvoldoende genezing zorgt voor een chronische wond, overmatige genezing voor hypertrofie of keloid. |
| Wanneer spreekt men van een chronische wond? | Wanneer een wond >30 dagen geen significante genezing laat zien. |
| Wat zijn de kenmerken van een chronische wond? | - Weinig tot geen granulatie en re-epithelialisatie - Veel neutrofielen en macrofagen aanwezig in wondbed - Overmatige expressie van pro-inflammatoire cytokines - Verhoogde productie zuurstofradicalen - Overexpressie MMP's |
| Risicofactoren voor een chronische wond | Obesitas, DM, veroudering microbiële contaminatie, ischemie |
| Definitie hypertrofie | Verheven litteken boven omliggende huid. Beperkt zich tot grenzen van de wond. Neiging tot regressie na jaren. vaak pijnlijk en jeukend. Komt door teveel spanning. |
| Definitie keloid | Groeien buiten oorspronkelijke grenzen wond. Zelden regressie. vaak pijnlijk en brandend. autosomaal dominante genetische achtergrond. Vooral bij zwarte mensen. |
| Wat is de definitie van tertiaire wondsluiting? | Uitgestelde chirurgische wondsluiting na aanvankelijk open behandeling. Bij gezonde wondranden en minimale spanning. |
| Verschillende graden van brandwonden? | 1: epidermis, roodheid, pijnlijk, geneest zonder littekens Oppervlakkig 2: epidermis + opp dermis. pijnlijk, roodheid, geneest spontaan diep 2: groot deel dermis aangedaan, minder pijnlijk 3: totale dermis vernietigd, gevoelloos, SSG noodzakelijk 4: = |
| Oorzaken diabetische ulcera? | - slechte voedingstoestand - perifere neuropathie - verminderde bloedtoevoer - mechanische druk en stress op de voet |
| 3 componenten van de behandeling van diabetische ulcera? | 1. debridement 2. optimaliseren omstandigheden 3. infectiebehandeling |
| Definitie ischemische ulcera? | Huidulcera aan de onderste extremiteiten door slechte arteriele doorbloeding. Vastgesteld door EAI <1, niet comprimeerbare vaten, afwezige of afwijkende pulse volume curves bij de enkel |
| Hoe ontstaan veneuze ulcera? | Grootste groep onderbeenulcera. Chronische veneuze insufficiëntie belemmert afvoer veroorzaakt stuwing en leid tot huid en subcutane wonden |
| Hoe is de behandeling van keloid? | 1. siliconen sheet, 24 uur/dag dragen 2. intra lesionale cortison injecties 3. radiotherapie |
| Wat zijn de kenmerken van een ideale wondbedenker? | - Wondgenezing bevorderen - Beschermen van omgeving - pijn minimaliseren - vochtig wondbed creëren - goede temperatuur houden - makkelijk aanbrengen/vervangen - kosten effectief |
| Voordelen vochtig wondmilieu | Bevorderd automatisch debridement van necrotisch weefsel Ondersteunt celcommunicatie. Minder ontsteking en lagere infectiekans Betere opname van lokale behandelingen Minder pijnlijke verbandwissels |
| Wat is het werkingsmechanisme van siliconenpleisters? | Niet helemaal bekend. Mogelijk afname inflammatie cytokines door minder verdamping en dus betere hydratatie van het litteken, of direct effect door toename statische elektriciteit door de siliconen moleculen. |
| Noem 5 adjudant behandelopties voor keloid | 1. Steroid injecties 2. Bestraling direct postoperatief 3. Cryotherapie met stikstof 4. Laser 5. anti tumore/immuunsuppressieve middelen |
| Wat zijn de 4 fundamentele functies van een Z-plastiek | 1. Litteken verlengen 2. Rechte lijn doorbreken 3. weefsel verplaatsen 4. Web of cleft opheffen of verdiepen |
| Z-plastiek hoeken en relatieve verlenging | 30 graden = 25% 45 graden = 50% 60 graden = 75% 75 graden = 100% 90 graden = 120% |
| Wat is de functie van de huid? | Primaire barrière tegen de buitenwereld en essentieel voor homeostase, thermoregulatie, immuniteit, en zintuigelijke functies. |
| Wat is de oppervlakte van de huid van de mens? | 1.2 tot 2 vierkante meter |
| Wat is de epidermis? | Meerlagig verhoornd epitheel, opgebouwd uit keratinocyten en zorgt voor primaire barrière. |
| Wat zijn de 5 lagen van de epidermis? | 1. Stratum basale (bevat melanocyten) 2. Stratum spinosus 3. Stratum granulosum 4. Stratum lucidum (alleen handpalmen en voetzolen) 5. Stratum corneum |
| Waaruit bestaat de basement membrane? | Dit wordt ook wel de dermato-epidurale junctie genoemd. Bestaat uit lamina Lucida, lamina densa en de sub-basal reticularis. |
| Beschrijf de dermis | Een collageen en elastine rijk bindweefsel dat de huid mechanische sterkte geeft. Bestaat uit twee lagen: - Papillaire dermis, zorgt voor verankering - Reticulaire dermis, bevat zweetklieren, talgklieren, haarfollikels, etc. |
| Waar ligt de subdermale plexus? | In de dermal-hypodermal junction. De verankering aan de hypodermis met collageen en elastisch bindweefsel. |
| Wat is een angiosoom? | Een driedimensionaal blok weefsel dat volledig wordt doorbloed door 1 arterieel-veneus vaatstelsel. |
| Wat zijn choke vessels? | Kleine verbindingsbloedvaatjes die naburige angiosomen met elkaar verbinden. |
| Beschrijf welke twee typen zweetklieren er zijn | Eccriene en apocriene zweetklieren. Eccriene klieren zijn het talrijkst. |
| Wat zijn eccriene klieren | Zweetklieren die over het hele lichaam voorkomen. Ze produceren een waterig, helder en meestal hypotonie vloeistof, die een cruciale rol speelt bij thermoregulatie. Staat onder controle van het autonome zenuwstelsel. |
| Wat zijn apocriene klieren | Komen voor in oksels, rond de tepels en areolae, in de lies en genitale regio, maar ook in de oogleden, neus en gehoorgang. Secretie is eiwitrijk en wordt actief na puberteit. Spelen een rol bij lichaamsgeur en mogelijk feromoon achtige communicatie. |
| Wat is de rol van sebum | Sebum of talg is een vetrijke substantie die zorgt voor een transdermale waterbarriere (uitdroging voorkomen), zure mantel van de huid om bacteriën te remmen. Beschermt tegen uitdroging en infectie. |
| Wat is de functie van haar? | Passieve beschermende rol (tegen UV, wrijving) en actieve rol in sensatie (door mechanoreceptoren rond de haarwortel) |
| Wat zijn de vier zones van de haarfollikel van oppervlakkig naar diep | 1. Infundibulum 2. Isthmus (tot de talgklier) 3. Stem (tot de aanhechting erector spier) 4. Bulb (diepste, bevat follikelmatrix en dermale papil) |
| 3 fasen van haargroei | 1. Anagene fase 2. Catagene fase 3. Telogene fase |
| Wat zijn de eigennamen voor de verschillende diktes SSG | Thiersch-Ollier: 0.15-0.3 mm Blair-Brown: 0.3-0.45 mm Deep graft: 0.45-0.6 mm |
| Noem voor en nadelen van dunne en dikke SSG's | - Snelle genezing na dunne SSG. Meerdere keer zelfde doorplaats - Minder annexen - Meer contractuur - Kinderen of ouderen dunnere huid dus liever dunner - Dikke SSG's meer geschikt voor gebieden met veel beweging of wrijving. |
| Wat zijn de voor en nadelen van meshen van een SSG? | - Bedekking van grote wonden - betere afvloei van wondvocht - Past zich aan aan onregelmatige oppervlaktes - meer contractuur - graft ziet er ongelijk uit - hoe groter de expansie, hoe langer het duurt voor de open ruimte epithelialiseren |
| Wat is pie crusting van een SSG? | Handmatig gaatjes prikken in een SSG |
| RECELL? | toevoeging van autologe keratinocyten in sprayvorm over een gemeste graft, zorgt voor snellere genezing, betere esthetiek en minder litteken. |
| Voor en nadelen van FTG's? | - betere kleur en textuur match - Minder contractuur - Behoud van adnexen - Beperkte grootte - Donorplaats moet primair gesloten worden - Donorplaats littekens vaak zichtbaarder |
| Wat zijn de 3 fasen van skingraft take? | 1. Imbibitie (48 uur) 2. Revascularisatie (24-72 uur) 3. Maturatie (weken tot jaren) |
| Wat zijn 4 opties voor sterke vergroting van transplantatiehuid? (groter dan SSG) | 1. Mechanische vergroting (meek grafting / pixel grafting / micro kolommen) 2. Enzymatische dissociatie (spray maken van huid) 3. celcultuur expansie (huid in lab vermeerderen en dan spray of kunsthuid maken) 4. Tissue-engineered devices |
| Hoe lang kan huid bewaard worden indien gekoeld? | 2-14 dagen, soms 3-8 weken. |
| samenstelling vet (3) | adipocyten, Stromale vasculaire cellen, extracellulaire matrix |
| verschil bruin en wit vet | bruin bij neonaten, zorgt voor thermogenese wit is energieopslag, beschermt organen, functie bij voortplanting, immuunsysteem, metabolisme en angiogenese |
| adipocytendifferentiatie? | mesenchymale stamcellen > adipoblasten > preadipocyten > adipocyten |
| coleman methode lipofilling | gentle harvesting centrifugeren injectie in kleine hoeveelheden |
| hoe zijn angiosomen met elkaar verbonden (3) | ware arteriele anastomoses choke vessels bidirectionele venen |
| directe versus indirecte arterien | directe zijn een voortzetting van bronarteries en zorgen voor perfusie van de huid, indirecte voor perfusie van diepe fascie en diepe weefsels en secundaire de huid |
| classificatie veneuze architectuur van spieren | 1. 1 vene in 1 richting (supraspinatus) 2. 2 venen in tegenovergestelde richting (gracilis) 3. multipele venen in tegenovergestelde richting (sartorius) |
| classificatie zenuwen van spieren | 1. 1 zenuw, vertakt in de spier (LD) 2. 1 zenuw, vertakt voor de spier (trapezius) 3. meerdere zenuwen, zelfde hoofdtak (gastrol) 4. meerdere zenuwen, verschillende hoofdtakken (digastricus) |
| 4 kenmerken waarvan lengte huidlap afhankelijk | 1. kaliber en lengte dominante vaten 2. kaliber en spanwijdte naastliggende vaten 3. kaliber en lengte verbonden choke vessels 4. gunstige of ongunstige veneuze afvloed |
| Wanneer is het risico op trombose het grootst? | eerste 48 uur, na 72 uur duidelijk lager |
| wat is het no-flow fenomeen? | ernstige ischemie-reperfusieschade zorgt voor irreversibele vasoconstrictie en zo geen reperfusie lap ondanks patente anastomose. |
| Wat zijn de indicaties voor het nemen van een biopt van een huidlaesie? | 1. verdenking benigne afwijking 2. staderiering van maligne afwijking |
| Algemene stadiering van maligniteiten? 0-4 | 0 = in situ 1 + 2 = tumor in orgaan van origine 3 = metastasering naar regionale lymfeklieren 4 = afstandsmetastasen |
| 3 levels van okselklieren? | 1 = caudaal van caudale rand pectorales minor 2 = onder pectoralis minor 3 = boven pectoralis minor |
| Grenzen van inguinale lymfekliertoilet? | poupart, mediale rand sartorius, laterale rand adductor longus |
| Wanneer treedt een acute reactie op na radiotherapie? | 7-10 dagen : roodheid, pigmentatie, epilatie en desquamatie |
| Wat is een hamertoom? | een benigne tumor-like afwijking, aalformatie bestaande uit mix van cellen die het natieve weefsel karakteriseren |
| Teken van Leser-trelat? | Snelle verschijning van multipele kerktoren, kan paraneoplastisch syndroom zijn, omineus teken van interne maligniteit |
| wat is een kerathoacanthoom? | lijkt op pcc, centraal verhoorning, groeit snel en kan regressie optreden. Excisie biopsie geadviseerd |
| wat is een dermoidcyste? | Congenitale subcutane cyste die ontstaat op het embryonale sluitingsvlak. meestal in het gelaat en supraorbitaal. |
| Wat is een trichilemmale cyste? | epidermale cyste van de behaarde hoofdhuid. |
| Wat is een springoom? | noduli van enkele mm, meestal rond de ogen, uitgaande van afvoergang van zweetkliertjes. |
| Wat is een apocrien cystdenoom? | Bolvormige translucente nodus, meest voorkomend op de oogleden m.n. bij mediale canthus |
| Hoe worden verworven pigment cel naevi ingedeeld (4)? | Junction naevi Compound naevi Intradermale naevi Sutton's halo naevus |
| Indeling van congenitale pigment cel naevus op grootte? | klein <15 mm medium 15 - 200 mm groot >200 mm |
| Wat is een divided naevus? | naevus op boven en onderooglid |
| Wat is een animal skin naevus? | harige giant cel naevus |
| Wat is het melanoma syndroom? | aanwezigheid van >50 melanocytaire naevi waarvan sommige atypisch |
| wat is een juveniel melanoom of spitz naevus? | verheven nodus van 1 cm op het gelaat of benen bij jonge mensen, vaak ongekleurd of roze, groeit snel |
| wat is een naevus spilus | cafe au lait vlek, goedaardige zwelling met melanine moduli, niet uitgaande van melanocytaire proliferatie soms associatie met NF1 of Recklinghausen |
| Wat is Beckers melanose? | proliferatie van melanocyten in basale laag van epidermis, toename van melanine granuleer en aanwezigheid van haar. |
| wat is een naevus van ota? | oculodermale melanocytosis of naevus fuscocoeruleus ophthalmomaxillaris Blauw verkleurde naevus in gebied van 1e of 2e trigeminus tak. Vaker bij Aziaten. |
| Wat is een naevus van Ito? | subtype van naevus van ota tpv de aromiodeltoideus regio. |
| Wat is een mongolenvlek of congenitale dermate melanocytosis? | blauw grijze vlek tpv de stuit. komt veel voor bij indianen, Aziaten en latino's. vlek verdwijnt spontaan voor 10 jarige leeftijd. |
| Wat is een neuroom? | een hamertoom gevormd door Schwann cellen, fibroblasten en axonen. |
| Wat is een schwannoom? | benigne proliferatie van schwanncellen. NF2 is hiermee geassocieerd. wordt ook neurilemmoma genoemd |
| wat is een dermatofibroom? | cutanea nodus gekarakteriseerd door proliferatie van fibroplasten en histiocyten |
| Xanthoom? | aggregatie van histiocyten die lipiden hebben gefagocyteerd. |
| Juveniel xanthogranuloom? | zwelling bij jonge patiënten, soms bij geboorte, vaak in eerste levensjaar. Verdwijnen meestal spontaan op 5 jarige leeftijd. |
| Wat is osteoma cutis? | spontane botvorming in de huid |
| Wat zijn nevus cartilagines? | bijoren, congenitale afwijking tussen tractus en laterale nek. Dichtbij het oor vaak met kraakbeen, verder weg met haarfollikels. |
| Wat is actinische keratose? | Vroege vorm van PCC, door cumulatieve zonschade |
| Wat is morbus Bowen? | PCC in situ |
| Marjolins ulcer? | PCC in chronische of brandwond |
| Trichilemmaal carcinoom? | Ontstaat uit de buitenste laag van de haarwortelzakjes |
| Wat is extramammaire morbus Paget? | Morbus Paget is een adenocarcinoom in de epidermis, komt mn voor tpv de penis vulva en oksel |
| Merkelcelcarcinoom? | zeldzame, zeer agressieve tumor groeit net op of onder de huid en in haarfollikels. presenteert als een pijnloze nodus. therapie is excisie met ruime marge. |
| wat is dermatofibrosarcoma protuberans? | presenteert zich als een of meerdere roodkleurige tumortjes met oppervlakkige vaattekening, kan lijken op keloid. marge 5 cm. |
| Wat zijn melanocyten? | cellin in de huid die melanine produceren en verspreiden naar omringende huidcellen, waardoor bescherming tegen uv straling ontstaat. |
| wat wordt bedoeld met great masqueraders in het kader van melanoom? | melanomen kunnen er heel verschillend uitzien en zijn soms zelf amelanotisch |
| waar staat de ABCDE methode voor? | Asymmetrie, Border, Color, Diameter, Evolution |
| Wordt geadviseerd om giant congenital melanocytic naevi te verwijderen? | onduidelijk. het verlaagt het risico op melanoom niet echt, want de kans op melanomen in het centraal zenuwstelsel is hoger |
| Wanneer is een naevus atypisch? | maculaire component en 3 van de 5 - diameter 5 mm of groter - slecht gedefinieerde rand - variabele kleur - onregelmatige contour - erytheem |
| Door welke mutatie ontstaat een groot deel van de familiaire melanomen? | CDKN2A of CDK4 genen |
| Wanneer moet je denken aan dysplastisch naevi syndroom? | - melanomen op jonge leeftijd - multipele melanomen - familieanamnese - veel dysplastische moedervlekken - alvleesklierkanker |
| Wat zijn de 4 histologische subtypes van melanoom? | - superficial spreading melanoma - nodulair melanoom - lentigo maligna melanoom - arcade lentiginose melanoom |
| Wat is een in situ melanoom? | de aanwezigheid van abnormale melanocyten die beperkt zijn tot de epidermis, verhoogt risico van 5-10x om melanoom te ontwikkelen |
| Hoe ziet een nodulair melanoom eruit? | snelgroeiende vaak amelanotische ulcererende tumor |
| Hoe presenteert lentigo maligna melanoma zich? | invasieve vorm van lentigo maligna, op chronisch aan zon blootgestelde gebieden, vaak moeilijk begrensd |
| Wat is desmoplastisch melanoom? | zeldzaam subtype dat meestal voorkomt op zonbeschadigde huid in hoofd-hals gebied. presenteert zich als een stevige littekenachtige plek. |
| wat is hutchinsons sign? | donkere verkleuring van de nagelriem, kan komen door subungale melanomen |
| Wanneer moet je denken aan een subungaal melanoom? | hutchinsons sign donkere lijn over nagelbed, breder aan basis dan distaal niet scherp begrensd onregelmatige kleur nagel dystrofie 1 nagel bij persoon tussen 40-60 jaar |
| Hoe wordt de breslow dikte bepaald? | afstand van stratum granulosum tot diepste punt tumor |
| Wat is het verschil tussen een microsateliet, satelliet, en in transit? | microsatelliet alleen bij pa onder microscoop satelliet, klinisch gevonden binnen 2cm van tumor in transit, verder van 2 cm maar voor de lymfeklier |
| Wat is neurotropisme en welke 3 vormen zijn er? | indien melanoomcellen tegen zenuwschedes aanliggen - perineuraal - intra neuraal - neurale transformatie |
| Bij welk type melanoom komt neurotropisme het meest voor? | desmoplastisch melanoom |
| Marges melanoom? | ruime excisie met 1 cm voor breslow <2mm, 2 cm voor breslow >2mm |
| ruime excisie marges melanoma in situ? | 5 tot 10 mm |
| Wat voor type brandwond komt het meest voor bij volwassenen en kinderen? | vuur/flash bij volwassenen en koker water bij kinderen |
| Vanaf hoeveel graden krijg je een brandwond bij kokend water? | 60 graden voor 3 sec |
| wanneer is de diepte van een kokend water verbranding goed in te schatten | na 48-72 uur |
| Welke weefsels zijn bij elektrische brandwonden het meest aangedaan? | spier en zenuw |
| Wanneer ontstaat frostbite? | zenuw en spierweefsel bij 21 graden voor 30 min, huid kan langer hypothermie verdragen |
| verschil tussen basische en zure stoffen bij chemische verbrandingen | basische stoffen dringen dieper door in de weefsels |
| hoe ziet een brandwond door zoutzuur/zwavelzuur, nitriet en waterstoffluoride eruit? | zoutzuur oppervlakkig, witte huid nitriet diep, bruine korst waterstoffluoride veel pijn, weinig te zien |
| 3 zones van een brandwond? | zone van coagulatie, zone van stase, zone van hyperemie |
| wat is het doel van resuscitatie bij een brandwond? | beperken van uitbreiden van de brandwond |
| Wat is Wallace rule of nines | oppervlakte brandwond bij volwassenen. 11 x 9 +1 |
| Wat gebeurd er bij een koolmonoxide vergiftiging? | CO bind sterker aan Hb dan O2. daarom 100% O2 via masker en evt hyperbare O2. |
| Hoe is de parkland formule? | 4ml x kg x %TVLO in eerste 24 uur. helft in 8 andere helft in 16 |
| Bij hoeveel procent TVLO starten met infuus | volwassenen 20% oudere kinderen 15% kleine kinderen 10% |
| Waar wijst donkerrode urine op bij een brandwond? | hemoglobine of myoglobinurie, kan leiden tot nierfalen, geef diuretica |
| Behandeling chemische verbrandingen? | spoelen, behalve bij waterstoffluoride dan calciumgluconaat en bij poeders dan eerst borstelen |
| Vanaf hoeveel % TVLO is een voedingssonde nodig? | 20% |
| Hoe is de classificatie van McCauley voor brandwondencontracturen van de hand? | 1: symptomatische strakheid zonder beperkingen in ROM 2: Lichte afname ROM zonder invloed op dagelijkse dingen 3: Functiebeperking, vroege anatomische veranderingen 4: Verlies van functie met duidelijk andere anatomie |
| Wat zijn de compartimenten van de onderarm? | oppervlakkige flexuren diepe flexuren extensorcompartiment mobile wad |
| Wanneer worden pees en zenuwletsels hersteld bij elektrische brandwonden? | uitgesteld? wel tegelijkertijd omdat anders eerder herstelde structuren kunnen beschadigen |
| Hoe ontstaat een marjolins ulcer? | lymfedestructie verminderde vascularisatie verminderde langerhans cellen activatie |
| Wat is het meest voorkomende type BCC? | nodulair |
| wanneer een biopt verrichten bij klinische verdenking bcc? | Geen dermatoscopische bevestiging, subtype is belangrijk in behandelkeuze, en lokalisatie en H-zone |
| Wat is Gorlin-Goltz syndroom? | Basaalcelnaevussyndoom, autosomaal dominante aandoening |
| Wat zijn de criteria voor diagnose BCNS? | 1 major + genetische bevestiging (PTCH1 of SUFU) 2 major 1 major + 2 minor |
| major criteria BCNS | - BCC voor 20 jaar of excessief veel BCC's voor leeftijd/zonexpositie - Odontogene kaakcyste voor 20 jaar - Palmaire of plantaire pits - Lamellaire calcification van de falx cerebri - Medulloblastoom - Eerstegraads familielid met BCNS |
| Minor criteria BCNS | Ribanomalien Andere skeletafwijkingen Macrocephalie Schisis ovariele/cardiale fibromen Lymfomesenteriale cysten Oogafwijkingen |
| Hoe is de behandeling van patiënten met BCNS? | primair chirurgie met rekeninghouden van toekomstige bcc's, geen radiotherapie, evt vismodegib/sonidegib (hedgehog-signaaltransductieroute) |
| Wat is een superficieel BCC? | oppervlakkige nesten, altijd in contact met epidermis |
| wat is een nodulair BCC? | grote nesten en kleine nesten groeiend in een nodulair patroon |
| wat is een micronodulair BCC? | kleine afgeronde nestjes, diffuus infiltrerend |
| wat is een infiltratief of sprieterig BCC? | Kleine strengetjes omgeven door desmoplastisch stroma, begrenzing is onscherp |
| wat is een basosquameus BCC? | tumor met gemengde BCC en PCC kenmerken |
| Advies klinische marge bij excisie BCC? | laagrisico superficieel of nodulair bcc = 3-4 mm bij hoogrisico bcc = 5 mm |
| Indicaties Mohs | - primair BCC in H-zone >10 mm - primair BCC oogleden en ala nasi/neuspunt > 5 mm - Primair BCC gelaat buiten H-zone met agressief groeitype >10mm of nodulair >15 mm - Recidief BCC in het gelaat - Irradicaal gedecideerd BCC in het gelaat |
| Cremes voor BCC? | Imiquimod 5x/week voor 6 weken 5-FU 2dd voor 4 weken imiquimod voorkeur, echter soms 5-FU bij laag risico en superficieel groeiwijze of voorkeur patient |
| Welke Patienten met een BCC moeten follow up krijgen? | - Hoog risico op lokaal recidief of wanneer lokaal recidief grote morbiditeit veroorzaakt - na behandeling met creme - hoog risico patiënten zoals BCNS |
| Alarmsymptomen voor PCC? | IDRBEU induratie diameter > 1 cm rapid enlargement bleeding erytheem ulceratie |
| Marges klinische excisie PCC? | laagrisico 4-6 mm intermediair risico >6 mm hoog risico 10 mm |
| Indicaties adjuvante radiotherapie bij pcc | - marges kunnen niet gehaald worden - lokaal recidief - perineurale invasie - na lymfeklierdissectie/metastase |
| Vanaf welk T-stadium melanoom wordt een SNB gedaan? | pT1b |
| Hoe is de M (van TNM) indeling van melanoom? | M1a: niet viscerale metastase M1b: longmeta M1c: overige viscerale meta en/of verhoogd LDH |
| Wanneer een oksel of lies klier toilet met melanoom? | radiologisch of klinisch recidief in de lymfeklieren, niet bij positieve sok |