click below
click below
Normal Size Small Size show me how
Chillkunde
Heelkunde
| Question | Answer |
|---|---|
| 1) Waarmee houdt het Planning Target Volume (PTV) rekening bij radiotherapie? a) Alleen de zichtbare tumor b) Bewegingsmarges en positioneringsfouten c) Microscopische uitbreiding d) Alleen omliggend gezond weefsel | B |
| 2) Wat is het Clinical Target Volume (CTV)? a) Alleen de zichtbare tumor b) Alleen gezond omliggend weefsel c) De tumor plus microscopische uitbreiding d) De stralingsdosis die wordt toegediend | C |
| 3) Welke van de onderstaande is een indicatie voor palliatieve bestraling? a) Primaire huidtumor b) Lokale infectie c) Hersenmetastasen d) Osteoporose | C |
| 4) Welke structuur is aangedaan bij een mallet finger? a) Ligamentum collaterale b) Musculus flexor digitorum profundus c) Pees van de musculus extensor digitorum ter hoogte van het articulatio interphalangealis distalis d) Os metacarpale | C |
| 5) Een patiënt kan zijn vinger niet goed strekken en voelt een schokkende beweging bij buigen. Wat is de meest waarschijnlijke diagnose? a) M. Dupuytren b) Triggerfinger c) Mallet finger d) Boutonnière deformiteit | B |
| 6) Hoe kan je snel beoordelen of iemand vrij vocht of bloed in de buik heeft bij verdenking op hypovolemische shock? a) MRI-abdomen b) CT-abdomen met contrast c) FAST-echo d) X-thorax | C |
| 7) Wat is de meest voorkomende oorzaak van een mechanische obstructie in de dunne darm bij volwassenen? a) Verklevingen na eerdere buikoperaties b) Liesbreuk c) Carcinoom van het colon d) Volvulus van het sigmoid | A |
| 8) Een acute appendicitis leidt doorgaans tot een ‘stille buik’ bij lichamelijk onderzoek. a) Juist b) Onjuist | B |
| 9) Pariëtale pijn leidt tot scherp, goed gelokaliseerde buikpijn, terwijl viscerale pijn meestal dof en diffuus wordt ervaren. a) Juist b) Onjuist | A |
| 10) Wat is typisch verhoogd bij galstenen met cholestase? a) ALAT b) AF c) ASAT d) Gamma GT | B |
| 11) Welk type larynxcarcinoom wordt vaak in een vroeg stadium gediagnosticeerd vanwege vroege symptomen? a) Supraglottisch carcinoom b) Glottisch carcinoom c) Subglottisch carcinoom d) Hypofarynxcarcinoom | B |
| 12) Patiënt met otitis media met effusie in het rechteroor ondergaat een Rinne-test. Hij hoort het geluid beter via het mastoïd dan voor het oor aan de rechterkant. Dit is een positieve Rinne-test aan de rechterzijde. a) Juist b) Onjuist | B |
| 13) Een Enkel-Arm Index (EAI) <0,9 wijst op: a) Perifeer arterieel vaatlijden (atherosclerose) b) Chronische veneuze insufficiëntie c) Essentiële hypertensie d) Diabetes mellitus zonder vasculaire complicaties | A |
| 14) Waar bevindt een abdominaal aorta-aneurysma (AAA) zich meestal? a) Suprarenaal, boven de nierslagaders b) Juxtarenaal, ter hoogte van de nierslagaders c) Infrarenaal, onder de nierslagaders | C |
| 15) Welke slagader voorziet de colon descendens van bloed? a) a. mesenterica superior b) a. mesenterica inferior c) a. iliaca interna d) a. renalis | B |
| 16) Welke delen worden door de A. mesenterica superior van bloed voorzien? a) Colon descendens en sigmoïd b) Jejunum, ileum, colon ascendens c) Rectum en anus d) Colon transversum en sigmoïd | B |
| 17) Wat is een greenstick fractuur? a) Volledige breuk met verplaatsing b) Compressiefractuur van de wervel c) Onvolledige buigbreuk bij kinderen d) Botbreuk met losliggend fragment | C |
| 18) Waar bevindt zich de origo van de onderarmflexoren? a) Laterale epicondyl b) Mediale epicondyl c) Olecranon d) Radiuskop | B |
| 19) Het os lunatum ligt in de: a) Vingerkootjes b) Handwortel c) Onderarm d) Middenhandsbeentjes | B |
| 20) Wat is een greenstick fractuur? a) Compressiefractuur b) Volledige botbreuk met dislocatie c) Incompleet gebroken bot, typisch bij kinderen d) Botinfectie | C |
| 21) De a. femoralis is een voortzetting van: a) a. iliaca interna b) a. iliaca externa | B |
| 22) Bij een scafoidfractuur bestaat risico op: a) Carpaletunnelsyndroom b) Artrose c) Luxatie | B |
| 23) Wat is het beleid bij een elleboogluxatie? a) Gips en afwachten b) Spoedverwijzing voor repositie c) Operatie altijd noodzakelijk d) Rust, NSAID’s en controle | B |
| 24) Wat betekent: Rinne negatief beiderzijds, Weber mediaan? a) Perceptietie gehoorverlies b) Normaal gehoor c) Geleidingsverlies aan beide kanten (bv. otitis media) d) Unilateraal geleidingsverlies | C |
| 25) Otitis media ontwikkelt zich bij hoeveel procent van kinderen onder de 6 jaar? a) 30% b) 50% c) 60–70% d) >90% | C – |
| 26) Welke neusbijholte is meestal betrokken bij sinusitis met kaakpijn? a) Sinus ethmoidalis b) Sinus frontalis c) Sinus sphenoidalis d) Sinus maxillaris | D |
| 27) Wat gebeurt er met de buis van Eustachius bij slikken en gapen? a) Sluit zich b) Opent zich c) Wordt dikker d) Heeft geen functie | B |
| 28) Waar zit kraakbeen in het neusseptum? a) Alleen dorsaal b) Alleen ventraal c) Geen kraakbeen d) Volledig benig | B |
| 29) Wat is een spanningspneumothorax? a) Ademgeruis beiderzijds verminderd b) Ademgeruis verminderd contralateraal c) Ademgeruis verminderd ipsilateraal d) Hyperresonantie contralateraal | C |
| 30) Wat is het eerste symptoom van compartimentsyndroom? a) Verlamming b) Koude extremiteit c) Paresthesieën d) Bleke huid | C |
| 31) Welk type breuk geeft het grootste risico op compartimentsyndroom? a) Humerusfractuur b) Bekkenfractuur c) Tibiafractuur d) Scapulafractuur | C |
| 32) Een arteriële occlusie ligt meestal: a) Distaler dan de symptomen b) Ter hoogte van de symptomen c) Proximaal van de symptomen d) Wisselend | C |
| 33) Waar ontstaat een oesofaguscarcinoom het vaakst? a) Bovenste derde b) Middelste derde c) Onderste derde d) Net onder de cardia | C |
| 34) Barrett's oesofagus verhoogt het risico op: a) Coloncarcinoom b) Adenocarcinoom van de slokdarm c) Plaveiselcelcarcinoom d) Maagzweer | B |
| 35) Alcohol is een risicofactor voor: a) Prostaatcarcinoom b) Slokdarmcarcinoom c) Pancreascarcinoom d) Schildkliercarcinoom | B |
| 36) Welk type slokdarmcarcinoom is het vaakst geassocieerd met roken en alcohol? a) Adenocarcinoom b) Plaveiselcelcarcinoom c) Neuro-endocrien carcinoom d) Sarcoom | B |
| 37) Wat is de meest voorkomende complicatie van galstenen? a) Pancreatitis b) Cholestase c) Cholecystitis | C |
| 38) Welke diagnose stel je bij een patiënt met benauwdheid, dysfagie en gewichtsverlies? a) Reflux b) Oesofagitis c) Slokdarmcarcinoom d) Gastritis | C |
| 39) Welke diagnostiek gebruik je bij verdenking op levermetastasen? a) Echo zonder contrast b) MRI c) CT met contrast d) PET-scan standaard | C |
| 40) Wat verhoogt het risico op mamma-carcinoom het meest? a) Vroege menarche b) Roken c) Late leeftijd bij eerste kind d) Hoge BMI | C |
| 41) Welk percentage van mamma-carcinomen is erfelijk? a) 1–2% b) 5–10% c) 15–20% d) >30% | B |
| 42) Wat is een EA-index <0,9 een aanwijzing voor? a) Tromboflebitis b) Arteriële insufficiëntie c) Veneuze obstructie d) Hypertensie | B |
| 43) Hoe diagnosticeer je veneuze insufficiëntie? a) CT-angiografie b) MRI c) Doppleronderzoek d) EA-index | C |
| 44) Waarvoor zorgt de a. mesenterica superior? a) Bloedvoorziening colon descendens b) Bloedvoorziening colon ascendens en transversum c) Bloedvoorziening rectum d) Bloedvoorziening colon sigmoïd | B |
| 45) Wat is de meest voorkomende plek van diverticulose? a) Colon ascendens b) Sigmoïd c) Rectum d) Transversum | B |
| 46) Wat betekent het als een wond zwart is? a) Actieve bloeding b) Granulatie c) Necrose d) Infectie | C |
| 47) Brachytherapie is een vorm van: a) Externe bestraling b) Chemotherapie c) Inwendige bestraling met een radioactief isotoop d) Adjuvante therapie | C |
| 48) Wat is het effect van corticosteroïdinjecties bij epicondylitis lateralis? a) Geen effect b) Directe pijnverlichting met blijvend resultaat c) Tijdelijke pijnverlichting, klachten keren vaak terug d) Alleen werkzaam bij infectieuze oorzaak | C |
| 49) Wanneer is het risico op compartimentsyndroom het grootst? a) Dagen na gipsimmobilisatie b) Direct na trauma of operatie c) Tijdens herstel van fractuur d) Bij het verwijderen van gips | B |
| 50) Welke klinische bevinding past het best bij een infectie van de sinus ethmoidalis? a) Pijn bij vooroverbuigen b) Kloppende pijn achter het oog c) Koorts met keelpijn d) Kaakpijn bij kauwen | B |
| 51) Wat geldt voor diverticulose? a) Wordt altijd symptomatisch b) Meestal gelokaliseerd in het rectum c) Meestal asymptomatisch d) Gaat altijd over in diverticulitis | C |
| 52) Welk type shock wordt gekenmerkt door een absoluut tekort aan circulerend volume? a) Cardiogene shock b) Obstructieve shock c) Hypovolemische shock d) Distributieve shock | C |
| 53) 45-jarige man met hypotensie, koude extremiteiten, CVD en afwezig ademgeruis aan de rechterkant. Wat is de meest waarschijnlijke vorm van shock? a) Hypovolemische shock b) Cardiogene shock c) Obstructieve shock d) Distributieve shock | C |
| 54) Wat is de meest voorkomende vorm van borstkanker? a) Lobulair carcinoom b) Ductaal carcinoom c) Mucineus carcinoom d) Inflammatoir carcinoom | B |
| 55) Hoe vaak vindt borstkankerscreening plaats in Nederland voor vrouwen van 50–75 jaar? a) Jaarlijks b) Om de twee jaar c) Elke vijf jaar d) Alleen bij klachten | B |
| 56) Wat is een kenmerkend symptoom van Zenker’s divertikel? a) Hikken b) Regurgitatie van onverteerd voedsel c) buikpijn d) Pijn op de borst | B |
| 57) Welk sinus is gelegen in de bovenkaak en vaak betrokken bij sinusitis met kaakpijn? a) Sinus frontalis b) Sinus sphenoidalis c) Sinus maxillaris d) Sinus ethmoidalis | C |
| 58) Wat is de juiste eerste stap bij icterus en verdenking op galsteen in de ductus choledochus? a) LO b) ERCP c) CT-abdomen d) Echografie | D |
| 59) Wat is het meest kenmerkende acute symptoom van een longembolie? a) Kramp in de benen b) Gezwollen halsvenen c) Acute dyspneu d) Thoracale druk bij inspanning | C |
| 60) Bij welke val is een distale radiusfractuur waarschijnlijk? a) Supinatie en retroflexie b) Pronatie en outstretched arm c) Hyperextensie van de knie d) Val op de elleboog | B |
| 61) Wat is een passend beleid bij mallet finger met botinvolvement (>1/3 van het bot)? a) Conservatief spalken b) Plastische chirurgie overwegen c) NSAID’s en rust d) Immobilisatie met gips tot boven de pols | B |
| 62) Bij een patiënt met beperkte flexie/extensie in de ringvinger en een schokkende beweging bij bewegen, denk je aan: a) Trigger finger b) Mallet finger c) M. Dupuytren d) Boutonnière deformiteit | A |
| 63) Waardoor wordt chronische laryngitis meestal veroorzaakt? a) Auto-immuunziekte b) Bacteriële of virale infectie, of allergie c) Schildklierproblemen d) Tumor | B |
| 64) Compartimentsyndroom – welke compartiment kan het zijn? a) Alle compartimenten b) Oppervlakkige achterste, voorste en laterale compartiment c) Voorste en laterale compartiment d) Diepste achterste compartimen | A |
| 65) Wat is de behandeling bij een compartiment syndroom? a) 4 loge fasciotomie b) Fasiectomie met hechten c) Benen omhoog en drukverband | A |
| 66) Wat is vaak het eerste symptoom bij een compartimentssyndroom a) Paresthesie b) Pijn inspanning c) Pijn in rust | B |
| 67) Diabetes, reumatoïde artritis, hypothyreoïdie zijn risicofactoren voor een triggervinger a) Waar b) Niet waar | A |
| 68) Op een x thorax is er vrij lucht te zien onder het diafragma, dit kan wijzen op? a) Oesofagusperforatie b) Hiatus hernia c) Perforatie hol buikorgaan d) Bloeding van de maag | C |
| 69) Welk structuur bevind zich in het ligament hepatoduodenale? a) Ductus pancreaticus b) Vena hepatica c) Ductus choledochus d) Truncus coeliacus | C |
| 70) Wat kan is een symptoom bij ernstige obstipatie onderin de darm? a) Overloop diarree b) Rectum prolaps c) Megacolon | A |
| 71) Hoe hoog is het percentage patiënten met een mammacarcinoom bij wie erfelijke factoren een rol spelen? a) 5-10% b) 15-20% c) 25-30% d) 35-40% | A |
| 72) Bij een patient is de proef van Rinne bdz afwijkend en de proef van Weber lateraliseert naar links. Er blijkt perceptief gehoorverlies te zijn. Welk oor zal de patiënt aangeven als het “goede” oor? a) Linker oor b) Rechter oor | A |
| 73) Wat is een risico factor voor een coloncarcinoom? a) Vezelrijk dieet b) Langdurig gebruik aspirine c) Adenomateuze poliep | C |
| 74) Waar bevindt de cricoid zich tov de schildklier? a) Craniaal b) Caudaal | B |
| 75) Adjuvante therapie is als aanvulling op de behandeling deze wordt na de behandeling gegeven/gestart a) Waar b) Niet waar | A |
| 76) Door welke structuur gaat een mediane laparotomie? a) Door de linea semilunaris b) Dor de linea semicircularis c) Door de musculus rectus abdominis d) Door de linea alba | D |
| 77) In wel kwadrant van de buik bevindt zich het punt van McBurney a) Linksonder b) Rechtsboven c) Rechtsonder d) Linksonder | C |
| 78) 72-jarige man, voorgeschiedenis obstipatie, aantal uren buikpijn. Pijn is geleidelijk begonnen, continu en PM LUQ. LO: BD en pols gb, temp 38,2 en pijnlijke percussie en palpatie gehele buik. Diagnose? a) Acute diverticulitis b) Symptomatisch an | A |
| 79) Welke liesbreuken komen vaker voor bij vrouwen? a) Lateraalbreuk b) Mediaalbreuk c) Femoraalbreuk | C |
| 80) Een … liesbreuk heeft eerder kans op strangulatie a) Grote b) Kleine | B |
| 81) Welk orgaan is het vaakst aangedaan bij een stomp buikletsel? a) Lever b) Nieren c) Milt d) pancreas | C |
| 82) Waar hebben patiënten zonder milt eerder last van? a) Chronische anemie b) Grotere kans op infectie | B |
| 83) Waarheen metastaseert een mammacarcinoom het vaakst? a) Maag b) Lever c) Pancreas d) Hersenen | B |
| 84) Waar loopt de v. splenica in over? a) V. porta b) V. mesenterica inferior c) V. mesenterica superior d) V. cava inferior | A |
| 85) Welk vat verzorgt de bloedvoorziening van het colon descendes? a) Mesenterica inferior b) Mesenterica superior | A |
| 86) Wat is de eerste symptoom van een coloncarcinoom in het colon ascendens. a) Obstipatie b) Helderrood bloedervlies c) Anemie | C |
| 87) Bij de meeste patiënten met een acute appendicitis is er een stille buik a) Waar b) Niet waar | B |
| 88) Bij verdenking van levermetastasen, welk beeldvormend onderzoek? a) CT met contrast b) Doppler c) MRI | A |
| 89) Wat is in het bloed verhoogd bij galstenen a) Gamma GT b) AF c) LDH d) Amylase | B |
| 90) Waar bevindt de pijn zich bij een arteriële obstructie? a) Onder de obstructie b) Boven de obstructie | A |
| 91) Een aaa kan retroperitoneaal en intraperitoneaal bloeden, wat komt het vaakst voor? a) Retroperitoneaal b) Intraperitoneaal | A |
| 92) Wat is de behandeling bij een acute galblaasontsteking bij een jong persoon? a) Cholestectomie (a chaud) b) ERCP c) Conservatief d) Antibiotica | A |
| 93) Welk orgaan ligt intra- en retroperitoneaal? a) Nieren b) Duodenum c) jejunum d) Maag | B |
| 94) Wat is brachytherapie? a) Lokale bestraling b) Behandeling van angiosarcoom in de arm | A |
| 95) Hoe kan je de diagnose longembolie bevestigen? a) CT-angio b) D-dimeer c) X-thorax d) MRI | A |
| 96) Als je pijn hebt bij arteriële claudicatio heb je een hele grote kans op amputatie van je been? a) Waar b) Niet waar | B |
| 97) Patiënt op de spoed, pijn op borst, kortademig, pijn met ademhaling mee, tachycardie, hemoptoë. Wat moet zeker in je dd staan? a) Myocard infarct b) Long embolie c) Angina pectoris | B |
| 98) Vrouw komt bij de ha, vinger doet pijn bij bewegen, noduli van heberden aanwezig, wat is het? a) Artritis b) Artrose c) Dupuytren d) Quirvain | B |
| 99) Patiënt komt bij de ha, tijdens voetbal is zijn vinger bekneld geraakt, deze doet pijn en is gezwollen, geen extensie van pip, hyperextensie van dip. Wat is dit? a) Boutonniere deformiteit b) Ziekte van dupuytren c) Mallet vinger | B |
| 100) Hoe ontstaat een skiduim? a) Hyperabductie duim b) Hyperadductie duim c) Hyperextensie duim d) Hyperflexie duim | A |
| 101) Patiënt gevallen op pols, vermoeden scaphoid fractuur, foto gemaakt maar niks te zien. Wat is het beleid? a) Pijnstilling en over een week weer zien b) Fysiotherapie c) 10 dagen gips daarna nieuwe foto | C |
| 102) Patiënt komt met pijnlijke hand, denkt dat het dupuytren is, waar verwacht je verdikkingen te zien? a) DIP-gewrichten b) PIP-gewrichten c) handpalm | C |
| 103) Wat doe je als een oudere persoon een asymptomatische littekenbreuk van de buikwand heeft (asymptomatisch)? a) expectatief beleid b) opereren c) breukband | A |
| 104) Wat zie je bij een ‘popeye-sign’: a) ruptuur bicepspees b) ruptuur tricepspees | A |
| 105) Bij wie komt een greenstick fractuur het meest voor? a) Jonge kinderen b) Volwassenen c) Ouderen | A |
| 106) Acetylsalicylzuur is DE behandeling voor DVT a) Juist b) Onjuist | B |
| 107) De meeste mensen met diverticulitis ontwikkelen over het algemeen geen klachten a) Juist b) Onjuist | A |
| 108) Wat kan een lange termijn effect van radiotherapie zijn? a) Radiatiepneumonitis b) Algehele vermoeidheid c) Nog iets d) Nog iets | A |
| 109) Een patiënt komt binnen met een luxatie van zijn elleboog, wat doe je? a) Pijnmedicatie en na 5 dagen opnieuw beoordelen b) Immobiliseren door gips c) Iets van insturen naar de spoed/operatie | C |
| 110) Corticosteroïdeninjectie epicondylitis: a) Klachten beter korte en lange termijn b) Klachten korte termijn niet beter maar lange termijn wel c) Klachten korte termijn beter maar erger lange termijn d) Klachten niet beter korte en lange termijn | C |
| 111) Wat kan je meegeven aan een patiënt met epicondylitis? a) Gebruik de arm helemaal niet meer b) Doe geen bewegingen die pijn doen c) Til dingen met een gebogen ellenboog (NHG) | C |
| 112) Patiënt heeft een mallet vinger met een fractuur waarbij 1/3 van zijn gewrichtsoppervlak meedoet a) Spalken b) insturen voor plastische chirurgie c) pijn medicatie d) conservatief | B |
| 113) Welke pees/ligament is aangedaan bij een mallet vinger? a) Extensor ligament DIP (of zo iets) b) Flexor ligament DIP | A |
| 114) Patiënt heeft sinds enkele maanden klachten van dysfagie en is afgelopen maanden 5 kg afgevallen, roken en alcohol abuse, meest voor de hand liggende diagnose? a) Maag ulcer b) Oesofaguscarcinoom c) Acute pancreatitis | B |
| 115) Op welke leeftijd is mammograffie het meest sensitief? a) Vrouwen >50. b) Vrouwen <50 | A |
| 116) Als je het trommelvlies verwijderd, wat is dan de volgorde van gehoorbeentje van voor naar achteren? a) Malleus, incus, stapes b) Incus, stapes, malleus c) Stapus, malleus, incus | A |
| 117) Dragen de bijholtes bij aan de afweer? a) Ja, direct als lymfatisch orgaan b) Nee, ze dragen alleen indirect bij via het slijmvlies c) Ja, via productie van antistoffen d) Nee, ze hebben geen fysiologische functie | B |
| 118) Wat gebeurt er met de schildklier tijdens het slikken? a) Blijft op zijn plek b) Beweegt mee omhoog c) Zakt naar beneden | B |
| 119) Wat klopt over galstenen? a) De meeste mensen zijn asymptomatisch b) Ze veroorzaken altijd koliekpijn | A |
| 120) Galblaascarcinoom metastaseert naar de supraclaviculaire lymfeklier. | A |
| 121) Wat is het normale gehoorbereik van kinderen? a) 100–10.000 Hz b) 20–20.000 Hz c) 200–2.000 Hz d) 10–50.000 Hz | B |
| 122) Wat veroorzaken calor en rubor? a) Vasoconstrictie b) Hyperemie c) Hypoxie | B |
| 123) Welk ligament scheurt het vaakst bij inversietrauma van de enkel? a) Lig. Calcaneofibulare b) Lig. talofibulare anterior c) Lig. Deltoideum d) Lig. interosseum | B |
| 124) Wat is de beweging bij inversietrauma van de enkel? Traumatische .. a) Pronatie b) Endorotatie c) Supinatie d) Dorsaalflexie | C |
| 125) Hoeveel vrouwen krijgen jaarlijks borstkanker in NL? a) 5.000 b) 15.000 c) 25.000 d) 40.000 | B |
| 126) Waar bevindt zich de plexus van Kiesselbach? a) Nasofarynx b) Neusbijholtes c) Anterieur septum d) Orofarynx | C |
| 127) Waar kruisen luchtweg en voedselpassage? a) Nasofarynx b) Orofarynx c) Hypofarynx d) Larynx | B |
| 128) Wat doe je bij een gele wond? a) Spoelen b) Debrideren met mes c) Drooghouden d) Niets | A |
| 129) Wat duidt een zwarte wond op? a) Infectie b) Necrose c) Bloeduitstorting | B |
| 130) Hoe groot is een normale lymfeklier ongeveer? a) <0,2 cm b) <1 cm c) <3 cm d) <5 cm | B |
| 131) Kun je borstkanker uitsluiten bij gevoelige premenstruele borsten? a) Ja, dit is altijd goedaardig b) Alleen bij vrouwen >50 jaar c) Alleen als de pijn unilateraal is d) Nee, carcinoom kan niet worden uitgesloten | D |
| 132) Welke combinatie klopt wat betreft de locatie van noduli bij artrose? a) Heberden in PIP, Bouchard in DIP b) Heberden in MCP, Bouchard in DIP c) Heberden in DIP, Bouchard in PIP d) Heberden in MCP, Bouchard in PIP | C |
| 133) Wanneer is heeft een echografie de voorkeur boven een mammografie bij borstonderzoek: a) Bij vrouwen < 30 jaar b) Vrouwen die zwanger zijn c) Vrouwen die borstvoeding geven d) Alle bovenstaande opties zijn juist | D |
| 134) Wat is het doel van een bestralingsmasker? a) PTV b) CTV | A |
| 135) Een directe liesbreuk: 1. Komt vooral voor bij oudere mannen. 2. Zit mediaal van de epigastrische vaten. a) 1 is juist b) 2 is juist c) Beiden zijn juist d) Beiden zijn fout | C |