click below
click below
Normal Size Small Size show me how
marketingconcept
| Question | Answer |
|---|---|
| wat is de definitie van marketing volgens NIMA (nl institute marketing) | Marketing is alles wat mensen of bedrijven doen om het kopen en verkopen van producten of diensten makkelijker, aantrekkelijker en sneller te maken. |
| Wanneer is marketing een modewoord geworden | sinds de jaren 60 van de 20e eeuw |
| oorzaken van spraakverwarring | -marketing is jong en in ontwikkeling, (doordat de wereld veranderd) -marketing heeft een multidisciplinair karakter -marketing komt in verschillende betekenissen voor |
| wat wordt bedoeld met spraakverwarring | Het begrip kan op verschillende manieren worden uitgelegd en heeft meerdere betekenissen of synoniemen. |
| met welke studies heeft marketing raakvlakken | economie, sociologie, psychologie, ethiek, esthiek, logistiek, recht ecologie, technologie |
| hoe hebben de volgende studies raakvlakken: economie, sociologie, psychologie, ethiek, esthiek | economie (handel) sociologie (koopproces/gedragingen in groepen) psychologie (gedragingen van individuen) ethiek (morele waarden, reclame boodschap) esthiek (vormgeving voor een product dat het meest aantrekkelijk is) |
| hoe hebben de volgende studies raakvlakken:, logistiek, recht ecologie, technologie | logistiek (bestuderen van goederenstroom) recht (houden aan wettelijke regelgeving) ecologie (duurzaam, milieubewust) techonologie (vaardigheden, methodes die gebruikt worden voor productie + wetenschappelijk onderzoek) |
| verschillende begrippen om marketing te beschrijven | Marketing is een visie, een geheel van activiteiten voor de in- en uitvoer van goederen en diensten, een functionele eenheid in de organisatie, een probleemgebied en een onderwerp van wetenschappelijk onderzoek. |
| marketing is een samentrekking van | getting to the market-> het op de markt afzetten/op de markt brengen van een product |
| marketing 2 betekkenissen | Het marketingconcept is het uitgangspunt voor het marketingbeleid, dat wordt uitgevoerd via marketingactiviteiten. |
| marketingconcept: | Het is de manier waarop een organisatie de markt benadert, waarbij men ervan uitgaat dat ruiltransacties het best tot stand komen als de behoeften van de afnemers het uitgangspunt zijn bij alle activiteiten. |
| amerikaanse professor Th. Levitt | Men moet het product bekijken vanuit de ogen van de consument: niet het product zelf, maar de functies ervan vervullen de behoefte van de afnemer — het product is wat het product doet. |
| vb van 'product is wat het product doet' | iemand koopt een auto niet voor de auto als product maar voor de functie, zoals vervoer, ontspanning, prestige |
| verschil tussen behoeften (needs) en wensen (wants) | Behoeften: basiszaken zoals eten, drinken, vriendschap en erkenning. Wensen: de manieren waarop mensen deze behoeften uiten, beïnvloed door hun cultuur. |
| essentie van marketing | Marketing draait om het product zoals het aansluit bij de verwachtingen van de consument — oftewel: hoe de consument het product ervaart en ziet. |
| marketingactiviteiten | Marketingactiviteiten zijn de stappen die nodig zijn om het marketingconcept uit te voeren, zoals het achterhalen van de wensen van de consument. |
| wat doet het marketing proces | gaat uit van de wensen en behoeften van de consument of afnemer |
| fasen in de marketingcyclus/marketingprocess | 1. Marktonderzoek: analyseren en interpreteren 2.kiezen van de doelgroep ->segmentatie 3.productontwikkeling, vormgeving, prijsstelling 4.technische productie 5.marketinguitvoering: promotie, verkoop 6.post-verkoopactiviteiten: service, garantie |
| marketingmatrix/instrumenten | productinstrument, prijsinstrument, distributie-instrument, communicatie-instrument -4 p's |
| productieinstrument | bedoeld om de eigenschappen van een product of dienst af te stemmen op de behoeften van de afnemers, bijvoorbeeld via ontwerp, vormgeving, design, merk, verpakking, kwaliteit en assortiment. |
| prijsinstrument | wordt ingezet om de prijs-waardeverhouding van een product of dienst voor de afnemers te beïnvloeden, bijvoorbeeld via contributiemarges, groot- en detailhandelsmarges, handelskortingen, consumentenprijzen en kortingen. |
| distributie-instrument | wordt ingezet om voor verschillende marktpartijen de verschillen in tijd, plaats, hoeveelheid en kwaliteit van producten te overbruggen, bijvoorbeeld via het type, de aard en het aantal distributiekanalen. |
| communicatie-instrument | ingezet om informatie over te dragen tussen aanbieders, afnemers en andere marktpartijen -reclame, sales, promoties, sponsoring, direct mail, persoonlijke verkoop, beurzen, tentoonstellingen |
| vb productbeleid | beslissen over de kwaliteit van het product, de grootte van het assortiment, het merk, de mate van service, het ontwerp van de verpakking en de duur en voorwaarden van de garantie. |
| vb prijsbeleid | hoogte van de prijs, prijsacties, vaststellen van een bodemprijs, marges |
| vb distributiebeleid | rechtstreeks leveren aan de consument of via tussenhandel, in hoeveel verkooppunten moet het product verkrijgbaar zijn, welke voorwaarden moet het product voldoen |
| vb promotiebeleid | ook wel promotiemix genoemd, gaat over beslissingen rond reclame, persoonlijke verkoop, verkoopbevordering (promoties) en public relations. |
| vb reclamebeleid | alle zichtbare communicatie-uitingen die een product of dienst onder de aandacht van de consument brengen, inclusief de bepaling van het budget en de keuze van socialmediakanalen binnen het promotiebeleid. |
| vb persoonlijke verkoop | hoeveel personeel is er nodig om persoonlijke verkoop te stimuleren |
| vb promotions beleid | beslissen welke verkoopbevorderende acties worden georganiseerd en of deze via het eigen verkoopapparaat of via de detaillist verlopen. |
| vb public relations | activiteiten die zorgen voor wederzijds begrip tussen de organisatie en de doelgroep, zoals het onderhouden van het imago van de organisatie en de communicatie naar de doelgroep. |
| 4 c's | costumer solution, cost to costumer, communication, convenience |
| costumer solution | de klant zoekt een oplossing voor een probleem, en marketing biedt het product of de dienst aan als die oplossing — het product of de dienst moet dus waardevol zijn voor de klant. |
| cost to costumer | naast de prijs van een product of dienst moet ook rekening worden gehouden met andere kosten voor de klant, zoals tijd en moeite — het moet zo eenvoudig en gemakkelijk mogelijk voor de klant zijn. |
| communcation | de klant wil alleen informatie over bijvoorbeeld mogelijkheden, garantie, ervaringen en levering; marketing richt zich dan puur op informeren, zonder aanbiedingen te doen. |
| convenience | gaat over de plaats en het gemak voor de klant, bijvoorbeeld waar de winkel is, of online bestellen mogelijk is, en bezorging — gemak staat hierbij voorop.v |
| verschillende marketingbenaderingen | goederenstroom benadering, institutionele benadering, functionele benadering, macromarketing, mesomarketing, micromarketing |
| goederenstroom benadering | legt de nadruk op de doorstroming van goederen van producent naar consument en analyseert het traject van een product in het distributiekanaal, met als doel kosten te verlagen en efficiëntie te verhogen. |
| institutionele benadering | richt zich op de verschillende soorten organisaties en hun rol als schakels in het distributieproces, bijvoorbeeld reclamebureaus. |
| functionele benadering | kijkt naar hoe marketing helpt om de verschillen tussen producent en consument te overbruggen, door belangrijke activiteiten zoals kopen en verkopen, betalen, transport en het verzamelen van informatie over de markt. |
| doel functionele benadering | niet alleen de basisfuncties van marketing beschrijven, maar ook beoordelen hoe efficiënt verschillende organisaties deze activiteiten uitvoeren. |
| macromarketing | bekijkt marketing vanuit het perspectief van de hele samenleving, hoe goederen en diensten worden verdeeld, en welke rol marketing speelt als maatschappelijk proces. Bijvoorbeeld zichtbaar in initiatieven van SIERE of overheidsinstellingen. |
| mesomarketing | gaat over marketing op het niveau van hele sectoren of branches, waarbij organisaties samenwerken om de marketing binnen de bedrijfskolom te verbeteren. Bijvoorbeeld een branchevereniging zoals de International Advertising Association. |
| micromarketing | individuele ondernemingen, het bedrijf als uitgangspunt |
| wanneer en hoe ontstaan marketinggedachte | premarketingtijd |
| belangrijkste marketingconcepten waren: | bekijkt marketing vanuit het perspectief van een individuele onderneming, waarbij het bedrijf zijn activiteiten zo goed mogelijk afstemt op de wensen van de afnemers met behulp van marketinginstrumenten. |
| waarom grotere productseries | technologische uitvindingen, stoommachine -gevolg: mensen gingen meer productiegericht denken -later ook elektriciteit en auto's en schepen zorgde voor efficiency |
| wanneer sellers market en doel | (1900-1930): gericht op het verbeteren van productiemethoden en het verhogen van de capaciteit, met een focus op het beheersen van technische processen, tijdens een periode van groeiend vraag- en aanbod. |
| productie concept definitie | gaat ervan uit dat ruiltransacties het beste verlopen als productie en distributie efficiënt zijn en de capaciteit wordt vergroot, met veel focus op interne processen van het bedrijf. |
| productie concept toepassing | als een product goedkoop en goed verkrijgbaar is, zal het beter verkopen. Bijvoorbeeld bij Henry Ford. |
| verkoop gerichte tijdperk 1930-1950 | door verbeterde mechanisatie nam de productie sterk toe, waardoor er overcapaciteit ontstond en bedrijven afzetproblemen kregen (meer aanbod dan vraag). |
| hoe loste men overcapaciteit op | de distributie uitbreiden, waarbij groothandel en handelsagenten belangrijke schakels werden om de producten van producenten te verkopen, met een sterke focus op omzet en verkoop. |
| gevolg omzetgerichte denken van de onderneming | bedrijven moesten zelf klanten zoeken en benaderen, en het draait minder om winst uit verkoop dan om zo goed mogelijk produceren |
| verkoopconcept | bedrijven geloofden sterk dat goede verkoop en reclame de producten zouden verkopen, waarbij verkopers en advertenties centraal stonden. |
| van seller market naar buyers market | doordat er meer producten waren dan kopers, kreeg de klant de macht. Bedrijven richtten zich op het aantrekkelijk maken van hun producten, lieten de voordelen zien en begonnen met merkartikelen. |
| marketinggerichte tijdperk vanaf 1950 | eerst in de VS, verkooptransactie moet gaan leiden tot tevreden afnemer |
| marktgerichte benadering | in een afzeteconomie, waarin de basisbehoeften grotendeels zijn vervuld, wordt gekeken naar wat klanten echt willen. Bijvoorbeeld: kleding is niet alleen praktisch, maar ook een statussymbool. Dit speelt in een consumptie-economie met massaproductie. |
| wat betekende de marketinggedachte voor ondernemingen | de structuur van het bedrijf veranderde en er kwam een marketingafdeling bij om de verkoop te ondersteunen. |
| jaren 60 | geïntegreerde marktbenadering: bedrijven zagen dat alle afdelingen samen op de markt gericht moesten werken. Ze bepaalden doelen voor product, prijs, plaats en promotie, maakten lange termijn plannen en legden het werkgebied van de onderneming vast. |
| wat houd 'domein van onderneming vastleggen' in | de missie van het bedrijf bepalen. Het gaat niet meer alleen om het technische product, maar om wat het product voor de klant kan betekenen – een bundel van middelen om behoeften te vervullen. |
| vb missie van de onderneming wordt belangrijker | een oliemaatschappij richt zich niet op olie zelf, maar op het voorzien in de energiebehoefte van de klant. De klant staat centraal en marketingmiddelen worden ingezet om de doelen van het bedrijf te behalen. |
| societal marketing concept 1970-heden (ookwel uitgebreide marketingconcept/maatschappelijke concept) | het klassieke marketingconcept wordt uitgebreid met maatschappelijke aspecten. Bij het benaderen van de markt houdt het bedrijf rekening met het welzijn van de klant en de samenleving, zowel op korte als lange termijn. |
| gevolg van uitbreiden marktbenadering met maatschappelijke aspecten | het belang van de samenleving gaat soms voor op dat van de individuele klant. Milieu, grondstoffen en duurzaamheid worden belangrijker, en door duurzaam te produceren bespaart het bedrijf kosten en krijgt het steun van klanten. |
| maatschappelijke bewustwording | de moderne consument let meer op het milieu en is bereid extra te betalen voor eerlijke en duurzame producten, bijvoorbeeld via Fairtrade of het Max Havelaar-keurmerk. |
| jaren 80 | concurrentiegerichte marketing: concurrentie wordt steeds belangrijker binnen het marketingconcept. Digitalisering biedt bedrijven meer mogelijkheden om de concurrentie te volgen en te analyseren. |
| marketingtoepassingen | gaat over hoe een bedrijf een relatie met de klant wil opbouwen, wat het doel daarvan is, wie het contact in gang zet en welke middelen daarbij worden gebruikt. |
| marketing en de beoogde relatie | onderscheid tussen consumentenmarketing, handelsmarketing, industriele marketing, dienstmarketing en internationale marketing |
| consumentenmarketing | wanneer een organisatie haar marketing richt op particulieren of consumenten. De doelgroep bestaat uit eindgebruikers, zowel individuen als huishoudens. |
| handelsmarketing/trade marketing | wanneer een producent zijn marketing richt op (potentiële) tussenhandelaren, zoals groothandel en detailhandel. De doelgroep bestaat dus uit de distributieschakels tussen producent en consument. |
| industriele/business marketing | wanneer een organisatie haar marketing richt op andere bedrijven in plaats van particulieren. Het doel is dat het product door die bedrijven wordt gebruikt of verwerkt in hun productieproces. |
| vb zowel consumenten marketing als industriele | een stoel die voor de woonkamer wordt gekocht is een consumentenproduct, maar als diezelfde stoel voor kantoor wordt aangeschaft, geldt het als een industrieel product. |
| verschillen tussen industrie vs consumenten markt product | |
| verschillen tussen industrie vs consumenten markt prijs | I: speelt minder belangrijke rol C: speelt vaak een belangrijke rol |
| verschillen tussen industrie vs consumenten markt distributie | I: veelal direct, zonder tussenschakels C: via tussenschakels |
| verschillen tussen industrie vs consumenten markt promotie | I: vaak persoonlijk C: veelal via massamedia |
| dienstenmaketing | marketing van niet-tastbare goederen, zoals reizen, gezondheidszorg, restaurants, financiele diensten door ontastbaarheid is het onduidelijk wat men koopt |
| internationale marketing | online, verkoop in een groot aantal landen, maar waarbij de concurrentie in elk land anders is en de verwachtingen van de consument per land ook anders is |
| 3 r's | door professor CM Storm ruil, reputatie, relatie |
| initiator van de relatie | onderscheid maken tussen commerciele marketing, overheidsmarketing, non-profitmarketing en detailhandelsmarketing |
| detailhandelsmarketing/retail | alle marketingactiviteiten die winkels doen om klanten te trekken. De focus ligt vooral op **het makkelijk en leuk maken van het kopen**, in plaats van op **de voordelen van het product zelf**. |
| non-profitmarketing | marketing van **organisaties zonder winstdoel**, zoals **politieke, religieuze, sociale, culturele en onderwijsinstellingen. Lijkt op overheidsmarketing, want het draait om maatschappelijke doelen. |
| relatie-instrumentarium | middelen om contact te leggen en te onderhouden met klanten, zoals telemarketing en digitale marketing. |
| telemarketing | het gebruiken van de telefoon voor marketingcommunicatie. Voordeel is direct contact, maar het wordt tegenwoordig weinig meer gebruikt. |
| digitale marketing | marketing via online kanalen, waarbij internet **het centrale middel** is en alle activiteiten daarop worden afgestemd. |
| 4 functies internet | communicatie functie, informatiefunctie, transactiefunctie (betalingen uitvoeren), faciliterende/infrastructure functie (berekenen van routes door maps en track en trace voor pakketjes |
| relatiemarketing definitie | het opbouwen, onderhouden en verbeteren van langdurige contacten tussen een leverancier en zijn klanten. |
| wat is relatiemarketing | de relatie die een onderneming heeft met haar afnemers, alle activiteiten zijn gericht om de relatie met de afnemers zo goed mogelijk te houden -band met de klant versterken, emotionele betrokkenheid -vaak sterk bij business to business markten |
| 7 voorwaarden om relatiemarketing tot succes te maken (T. Cram) de eerste 4 | -sterke, duurzame relatie met eigen werknemers opbouwen -bepalen wie vaste klanten zijn, belonen met extra service -ken, begrijp je klant, inspelen op wensen -niet de prijs als promotie-instrument, maar extra waarden bieden |
| 7 voorwaarden om relatiemarketing tot succes te maken (T. Cram) de laatste 3 | -communicatie -train en motiveer eigen werknemers -alle punten bij elkaar brengen in een strategie, opnemen in ondernemingsplan |
| costumer relationship management (CRM) | CRM: een strategisch proces waarbij een organisatie **de belangrijkste klantrelaties kiest** en deze ontwikkelt via **interacties**, met het oog op groei. |
| doel costumer relationship management (CRM) | optimaliseren van de huidige en toekomstige waarde van de (klant)relaties voor de organisatie |
| door welke trends is costumer relationship management (CRM) ontstaan | individualisering, globalisering - 24 uurseconomie, (de)regulering, toegenomen complexiteit van de samenleving, aanbiedersmarkt, technologische ontwikkelingen |
| individualisering en CRM | klanten verwachten dat hun persoonlijke wensen en kenmerken bekend zijn bij de leverancier en dat ze daarop worden bediend. Klanten worden mondiger en reageren op ontevredenheid, dus het is belangrijk ze te herkennen en serieus te nemen |
| globalisering - 24 uurseconomie en CRM | toegenomen concurrentiestrijd, je besteld iets via het internet aan de andere kant van de wereld |
| (de)regulering en CRM | bv rondom het benaderen van organisaties via direct mail, opbouwen van adressenbestand of kwaliteitseisen |
| toegenomen complexiteit van de samenleving en CRM | aanbieders moeten meer aandacht besteden aan de verschillen om tot een persoonlijke aanpak te kunnen komen -hetrogeniteit ook terug in koopgedrag-> decision making unit |
| decision making unit | een groep mensen die samen een aankoopbeslissing nemen, waarbij ieder kijkt naar het aanbod vanuit zijn eigen expertise en de bijbehorende wensen en eisen. |
| aanbiedersmarkt | aanbieders moeten zich onderscheiden door hun aanbod en CRM-strategie 'hoe wordt er met de klant omgegaan' 'hoe wordt klantloyaliteit verhoogt' |
| technologische ontwikkelingen | ontstaan internet, social media |
| CRM vragen | Hoe bereiken we de gekozen doelgroep? * Welke processen zorgen ervoor dat de klantinteracties soepel verlopen? * Welke informatie over klanten hebben we nodig om deze interacties succesvol te maken? |
| acquisitiekosten | de kosten die nodig zijn om een klant te overtuigen een product of dienst te kopen, inclusief bijvoorbeeld onderzoekskosten en marketing- en communicatiekosten. |
| hoe maak je de klantwaarde inzichtelijk | acquisitie kosten van de klant gecombineerd met de berekening van de waarde van de levenscyclus van de klant + de ROI van de specifieke klant |
| wat doet de klantwaarde | laat zien hoeveel en welke middelen er besteed kunnen worden aan een specifieke klant. |
| klantwaarde definitie | het proces om te bepalen op welke klanten de organisatie zich moet richten om de winst te maximaliseren, vaak gebaseerd op de 80-20 regel (Pareto-principe). |
| pareto-regel/ 80-20 regel | stelt dat 20 procent van de inspanning 80 procent van het resultaat oplevert en omgekeerd: 80% van de inspanning gericht is op slechts 20% van het resultaat |
| waaraan te denken bij de klantwaarde | de kanalen die een klant gebruikt, hoeveel er wordt uitgegeven aan relatiebeheer, de tijd die aan de klant wordt besteed, de voordelen voor de klant, en de benodigde service en ondersteuning. |
| variable die nodig zijn om een positieve klantwaarde te krijgen | de hoogte van de kosten, de hoogte van de opbrengsten, de duur van de klantrelatie, en de bijdrage van de klant aan het bedrijfsproces. |
| definieren van de waarde van de langtermijnrelatie | kijken naar de winstgevendheid van de relatie op de lange termijn |
| waarde van de lange termijnrelatie kan inzichtelijk worden gemaakt door: | Belangrijke elementen bij klantwaarde: lengte van de klantlevenscyclus, jaarlijkse opbrengsten, klantwaarde over de levenscyclus, percentage van het klantpotentieel en de kosten van verlieslatende klanten. |
| 4 variabelen toepassen in verschillende manieren waarop de waarde van de klant kan worden vastgesteld: | 1definieren van de waarde van de langtermijnrelatie 2.waarde van de klantbeleving 3.waarde van de klant in het commerciele proces 4.waarde van de klant vanuit andere bedrijfsprocessen |
| waarde van klantbeleving | klantbehoud, klachten goed oplossen, positieve mond-tot-mond reclame, klant met positieve ervaringen, prijsongevoeligheid, klachten van klanten oplossen zijn tevredener dan klanten die nooit een klacht hebben gehad |
| waarde van de klant in het commerciele proces | klant doet een referral: klanten adviseren hun relaties contact op te nemen met een levenacier klant is referentiesite klant laat een casestory of testimonial maken: klant stemt toe in het publiceren van de samenwerking tussen klant en leverancier |
| waarde van de klant vanuit andere bedrijfsprocessen | klant is een goede spiegel om kennis op te doen over de wijze waarop de eigen interne bedrijfsprocessen bij de klant overkomen |
| marketingproces definitie | Het **marketingproces** is de cyclus van stappen die een onderneming doorloopt om potentiële afnemers te vinden, aan te trekken en te behouden. |