click below
click below
Normal Size Small Size show me how
Toetsvragen
Zelfgemaakte toetsvragen M1 beweging 3.2
| Question | Answer |
|---|---|
| Waarom is het vaak lastig een nagebootste stoornis te diagnosticeren? a. Geen duidelijke criteria b. Behandelaars vaak onbekend met diagnose en taboe op het verdenken van patiënten van bedrog c. Gaan niet naar arts | b. Behandelaars zijn vaak onbekend met de diagnose en er rust een zeker taboe op het verdenken van patiënten van bedrog |
| Waar lijken de symptomen van benzodiazepinen op? a. Cannabis b. Cocaïne c. Heroïne d. Alcohol | d. Alcohol |
| Welke stelling is waar ? Polyneuropathie is: a. asymmetrisch, proximale deel perifere zenuwen. b. symmetrisch, proximale deel perifere zenuwen. c. asymmetrisch, distale deel perifere zenuwen. d. symmetrisch, distale deel perifere zenuwen. | d. symmetrisch, distale deel perifere zenuwen. |
| Pijn in de lage rug. Pijn straalt uit naar re been. Laseque positief. Re voet moeilijk heffen. Sensibiliteit gestoord aan de buitenkant onderbeen en grote teen. De KPR en APR zijn beiderzijds levendig. Diagnose: HNP met beklemming wortel: a.L4, b.L5, c.S1 | b. Hernia nuclei pulposi met beklemming van L5 |
| Uitval nervus III a. divergentiezwakte, ongekruiste dubbelbeelden. b. divergentiezwakte, gekruiste dubbelbeelden c. convergentiezwakte, ongekruiste dubbelbeelden d. convergentiezwakte, gekruiste dubbelbeelden | d. convergentiezwakte, met gekruiste dubbelbeelden |
| Re oog niet dichtknijpen en re ogbol draait omhoog. Hangende re mondhoek a. perifere aangezichtsverlamming links b. centrale aangezichtsverlamming rechts c. perifere aangezichtsverlamming rechts d. centrale aangezichtsverlamming links | c. een perifere aangezichtsverlamming rechts |
| Herpes simplex keratitis is over het algemeen erg pijnlijk. a. Juist b. Onjuist | a. Juist |
| Trendelenburg op re been positief: a. Verzwakking van de rechterheupabductoren. b. Verzwakking van de linkerheupabductoren. c. Verzwakking van de rechterheupadductoren. d. Verzwakking van de linkerheupadductoren. | a. Er is sprake van verzwakking van de rechterheupabductoren. |
| Stelling: Bij de Ziekte van Parkinson is er met name sprake van een intentietremor. a. Waar b. Niet waar | b. Niet waar |
| Volgende bevindingen onder het niveau van Th10: Linkerbeen: verminderde kop-punt discriminatie; Rechterbeen: aanrakingen met een watje worden niet waargenomen; rechterbeen is tevens verlamd. Oorzaak (tr. spinothalamicus en achterstrengen)? | Omdat de tractus spinothalamicus op ruggenmerg niveau kruist EN de achterstrengen pas hogerop kruisen |
| Waar duidt zwelling van het MCP-1 gewricht op? a. Artrose b. Reumatoïde artritis c. Zowel artrose als reumatoïde artritis | a. Artrose |
| Wat valt niet onder negatieve symptomen van schizofrenie? a. Apathie b. Spraakarmoede c. Concentratieproblemen d. Vlak affect | c. Concentratieproblemen |
| Welke leeftijd heeft de patiënt meestal last van de painfull arc? De patient is meestal tussen de .. a. 5 en 15 jaar b. 20 en 30 jaar c. 40 en 60 jaar d. 65 en 75 jaar | c. 40 en 60 jaar |
| Wat is geen pre- of perinatale risicofactor voor schizofrenie: a. Het kind is In de winter geboren b. Het kind is In de stad geboren c. Overlijden van de partner tijdens de zwangerschap d. Moeder rookte tijdens de zwangerschap | d. Moeder rookte tijdens de zwangerschap |
| Een comateuze patiënt buigt abnormaal na toediening van een pijnprikkel. Wat is de m-score bij deze patiënt? a. 3 b. 4 c. 5 | a. 3 |
| Hoe behandel je amblyopie? a. Bril b. Occlusie amblyope oog c. Verkorten m. Rectus lateralis d. Verkorten m. Rectus medialis | a. Bril |
| Wat is de functie van de m. Quadriceps? a. Extensie (knie) b. Rotatie (knie) c. Anteflexie (heup) en extensie (knie) | c. Anteflexie (heup) en extensie (knie) |
| De patella luxeert meestal naar: a. lateraal b. mediaal | a. lateraal |
| Wat is een bijwerking van lythium? a. Levercirrose b. Hypothyreoidie c. Hyperthyreoidie | b. Hypothyreoidie |
| Welke spier is verantwoordelijk voor zowel het heffen van de laterale voetrand als het kunnen lopen op je hielen? a. m. gastrocnemius b. m. tibialis anterior c. m. peroneus | c. m. peroneus |
| Wat is GEEN eigenschap van een proprioceptieve reflex? a. Eén prikkel wordt gevolgd door één contractie. b. Monosynaptisch. c. Vermoeibaar. | c. Vermoeibaar |
| Het doel van de behandeling van artrose is primair curatief. a. Juist. b. Onjuist. | b. Onjuist. |
| Wat is een titubatie? a. Verminderd vermogen tot snelle alternerende bewegingen. b. Onvermogen om zonder steun te zitten (gestoorde zitbalans). c. Ritmische schudbeweging van hoofd of romp. d. Tremor die ontstaat bij het naderen van een doel. | c. Ritmische schudbeweging van hoofd of romp. |
| Brown-Séquard: a. parese ipsi, gnostische stoornissen ipsi, vitale stoornissen contra. b. parese ipsi, gnostische stoornissen contra, vitale stoornissen contra. c. parese contra, gnostische stoornissen contra, vitale stoornissen ipsi | a. parese ipsi, gnostische stoornissen ipsi, vitale stoornissen contra. |
| Een bipolaire stoornis komt vaker voor bij vrouwen dan bij mannen. a. Juist b. Onjuist | b. Onjuist |
| elke hersenzenuw is het meest betrokken bij bijten? a. N. Accessorius (XI) b. N. Glossopharyngeus (IX) c. N. Facialis (VII) d. N. Trigeminus (V) | d. N. Trigeminus (V) |
| Waar ontspringt de n. trochlearis? a. Medulla oblongata b. Pons c. Mesencephalon d. Diencephalon | c. Mesencephalon |
| Temazepam wordt kortdurend voorgeschreven bij ernstige slaapstoornissen. a. Juist b. Onjuist | a. Juist |
| Van welke ziekte is claudicatie in de kaak een specifiek symptoom? a. Migraine b. Arteriitis temporalis c. Clusterhoofdpijn d. Spanningshoofdpijn | b. Arteriitis temporalis |
| Waar is de processus coracoideus bij lichamelijk onderzoek palpabel? a. Ventraal, net onder het laterale gedeelte van de clavicula. b. Dorsaal, net mediaal van het acromion. c. De processus coracoideus is niet palpabel. | a. Ventraal, net onder het laterale gedeelte van de clavicula. |
| Wat is GEEN subtype van de depressieve stoornissen? a. Met begin post partum b. Met seizoensgebonden patroon c. Met psychotische kenmerken d. met middelengebruik | d. met middelengebruik |
| Ceyene-stokes ademhaling wordt veroorzaakt door een letsel in de: a. Cerebrale cortex b. Pons c. Medulla oblongata | a. Cerebrale cortex |
| Wat test je met de Lachmantest? a. Voorste kruisband letsel b. Achterste kruisband letsel c. Letsel ligamentem patella d. Laterale band letsel | a. Voorste kruisband letsel |
| M-score van 2? a. Abductie schouder, flexie elleboog, flexie pols. b. Adductie schouder, extensie elleboog, pronatie hand, flexie pols. c. Adductie schouder, flexie elleboog, pronatie hand, flexie pols. | b. Adductie schouder, extensie elleboog, pronatie hand, flexie pols. |
| Wat is geen symptoom van nervus peroneusuitval? a. Zwakke dorsiflexie/eversie in de enkel. b. Sensorisch verlies over het dorsale gedeelte van de voet. c. Tintelingen in de hak van de voet. d. Het hebben van een klapvoet. | c. Tintelingen in de hak van de voet. |
| Bij o.a. MS kan een internucleaire oftalmoplegie ontstaan. Een letsel van welke structuur zorgt daarvoor? a. Radiatio optica b. Fasciculus longitudinalis medialis b. Chiasma opticum | b. Fasciculus longitudinalis medialis |
| Wat is de eerstekeuzebehandeling bij paniekstoornissen? a. Aanvalsbehandeling met een antipsychoticum b. Antidepressiva c. Cognitieve gedragstherapie d. Psychoanalytische therapie | c. Cognitieve gedragstherapie |
| Het verwijderen van een gescheurde meniscus geeft een grote kans op het ontwikkelen van atrose op relatief jonge leeftijd. a) Juist b) Onjuist | a) Juist |
| Heupfractuur waarbij de het been verkort is en in exorotatie ligt. Welk soort fractuur is het meest waarschijnlijk? a) Mediale collumfractuur b) Femurschachtfractuur c) Laterale collumfractuur d) Pertrochantaire fractuur | a) Mediale collumfractuur |
| Een 52-jarige vrouw met in toenemende gewrichtsklachten van de li heup. Sinds maanden in progressiev pijn in het li been, lies. ’sSochtends het hevigst, maar vermindert daarna. Later op de dag nemen de klachten weer toe. Waarschijnlijke oorzaak? | Coxartrose |
| Hoe ontstaat een charcot-voet? a) Door een verkeerde manier van lopen b) Mal union bij fractuur van MTP-1 c) Neuropathische desintegratie van het voetskelet | c) Neuropathische desintegratie van het voetskelet |
| . Bij wie kan een charcot-voet ontstaan? a) Patiënt met reeds bekende neuropathie b) Patiënt bekend met een instabiel articulus talocalcaneonavicularis | a) Patiënt met reeds bekende neuropathie |