click below
click below
Normal Size Small Size show me how
psychiatry (dutch)
random psychiatry week 8 en 9
| Question | Answer |
|---|---|
| Mood stabilizers (3) | Lithium Carbamazepine Valproic acid |
| Which type of antidepressant (when needed) should best be added to a mood stabilizer? | SSRI; reduce the chance of a manic episode |
| Which parameter should be checked in patients using mood stabilizers? | blood levels, to prevent toxicity |
| Life time prevalence bipolar disorders? (Netherlands) | 1,8% |
| Difference Bipolar I versus Bipolar II? | Bipolar I: manic episodes Bipolar II: hypomanic episodes |
| As a criteria (DSM-IV) for a manic episode, what should the be duration of the manic symptoms? | at least 1 week or longer |
| What is a side-effect of a TCA, which is a opposite side effect of a SSRI? | TCA: Tachycardia SSRI: Bradycardia |
| What are the contra-indications for Mianserine (modern antidepressant)? | acute Myocardial Infarction Cardiovascular disease Brain damage |
| Which treatment is most effective with severe depression? | pharmacotherapeutic Mild depression: antidepressants=psychotherapy |
| Behandeling van PTSS? | psychotherapie in combinatie met SSRI |
| Voorkeur SSRI's bij behandeling PTSS | sertraline en paroxetine |
| Belangrijkste verschil behandeling PTSS en ASS (acute stress syndroom) | ASS is self-limiting, PTSS eerste keus psychotherapie i.c.m. eventueel sertraline en paroxetine (SSRI) |
| Welke thema's staan centraal binnen de aanpassingsstoornis? | falende coping en verlies van controle |
| Wanneer kan men NIET spreken van een aanpassingsstoornis? | wanneer er sprake is van specifieke symptomen of een syndromaal beeld |
| Wat zijn de 3 behandelingsprotocollen voor PTSS? | CGT: exposure en habituatie, hoge uitval EMDR: net zo effectief als CGT, rationale onbekend Kortdurende Eclectische Psychotherapie (KEP): 16 sessies, |
| Behandeling aanpassingsstoornis? | CGT in 3 fasen: 1) crisisfase: rust en acceptatie 2) probleem en oplossingsoriëntatie 3) toepassingsfase |
| DSM-IV criterium voor termijn symptomen ASS? | minimum 2 dagen maximum 4 weken |
| DSM-IV criterium voor termijn symptomen PTSS? | minimum 1 maand |
| Wat zijn de twee kenmerkende verschillen tussen PTSS en ASS? | reactie op trauma: ASS-> freezing, depersonalisatie en derealisatie, PTSS-> angst, afschuw Bij PTSS vermijdt de betrokkene voortdurend prikkels die doen denken aan het trauma, slaapstoornissen etc staan voorop |
| Twee fysiologische reactiemechanismen op stress? | HPA-as cortisol afgifte autonome ZS en afgifte adrenaline, noradrenaline |
| Vermijdende versus confronterende copingstijl? | Vermijdende probeert de negatieve emoties van de stressor te veranderen Confronterende probeert de stressor te elimineren (geen van beide beter, wanneer de stressor te elimineren valt confronterend beter etc) |
| percentage geslaagde suïcides onder depressieven? | 15% |
| Percentage geslaagde suïciden onder schizofrenen? | 10% |
| Beschrijf de stappen van gebeurtenis tot coping? | gebeurtenis-> cognitie-> appraisal-> emotie-> coping |
| Hoe lang duurt de manische en respectievelijk de depressieve episode gemiddeld bij een bipolaire stoornis? | manische: 2 weken depressieve: 3 maanden |
| Komt de bipolaire II stoornis meer bij vrouwen of meer bij mannen voor? | vrouwen |
| Voor welke leeftijd manifesteert een bipolaire stoornis zich meestal? | 30e levensjaar |
| Welke maatregelen met men streffen wanneer men en MAO-remmer voor gaat schrijven? | -tyramine arm dieet -geen SSRI of TCA voorschrijven->i.v.m. serotonerge stimulatie -geen insuline en orale antidiabetica -geen bloeddrukverhogende farmaca (L-dopa) -geen alcohol |
| Bij welke soort antidepressiva is er sprake van anticholinergische bijwerkingen en noem er een paar | TCA's: Droge mond, obstipatie, visusstoornissen, mictiestoornissen, verergering glaucoom, verwardheid, seksuele disfunctie |
| Benoem de bijwerkingen van de SSRI's? | Serotonine potentiering: Misselijkheid, diarree, maag-darmkrampen, anorexie, gewichtstoename, slapeloosheid, rusteloosheid, prikkelbaarheid, agitatie, tremor, hoofdpijn, orgasmestoornis, bradycardie(itt TCA) |
| Noem de 4 hoofdgroepen van bijwerkingen van de TCA's | anticholinergische histaminerge antinoradrenerg kiniderg |
| Van welke antidepressiva heeft het zin de bloedspiegels te bekijken? | TCA |
| Wat zijn de Contra-indicaties voor Duloxetine (NSSRI) | ongecomopliceerde hypertensie leverfunctiestoornissen |
| Wat zijn de Contra-indicaties voor Bupropion (NSSRI) | -levercirrose -epilepsie -hersentumor -anorexia nervosa of boulimia -abrupte onthouding van alcohol of benzodiazepinen |
| Contra indicaties voor een TCA? | mictiestoornis glaucoom acute MI hart/Vaat hersenbeschadiging leverinsufficientie nierinsufficientie |
| Noem de 3 hoofdgroepen van antidepressiva plus indicaties | SSRI: weinig bijwerkingen en veiliger bij overdosering TCA: bij ernstige vitale of met psychotische kenmerken MAO: bij ernstige therapieresistente depressie |
| citalopram; SSRI of TCA? | SSRI |
| fluoxetine; SSRI of TCA? | SSRI |
| fmuvoxamine; SSRI of TCA? | SSRI |
| paroxetine; SSRI of TCA? | SSRI |
| sertraline; SSRI of TCA? | SSRI |
| clomipramine; SSRI of TCA? | TCA |
| imipramine; SSRI of TCA? | TCA |
| nortriptyline; SSRI of TCA? | TCA |
| Wat zijn antihistaminerge bijwerkingen van TCA's? | Sedatie, gewichtstoename, Hypotensie |
| Wat zijn kiniderge bijwerkingen van TCA's? | intracardiale geleidingsstoornissen |
| Wat zijn antinoradrenerge bijwerkingen van TCA's? | Sufheid, orthostatische hypotensie tachycardie |
| Wat zijn anticholinerge bijwerkingen van TCA's? | Droge mond, obstipatie, visusstoornissen, mictiestoornissen, verergering glaucoom, verwardheid, seksuele disfunctie |
| 3 belangrijkste etiologische factoren depressie? | -overactiviteit HPA-as-> hypercortisolisme -serotonine en noradreline onderactiviteit -positieve familieanamnese: RR=2 -levensgebeurtenis: tot 6 maanden erna RR=6 |
| aan welke voorwaarde moet altijd worden voldaan om te kunnen spreken van een paniekstoornis? | meer dan 1 paniekaanval |
| Is angst voor hoogte een natuurtype of een situatie type specifieke fobie? | natuur type |
| Wat kan men zeggen over de duur van de obsessies/compulsies bij een OCS? | meer dan 1 uur per dag |
| Wat is de lifetime prevalentie van OCD? | 0,9% |
| OC: meer mannen of meer vrouwen? | meer mannen |
| Anemie is een aandoening waarbij men een verhoogd risico heeft op het ontwikkelen van angststoonis/depressie? | angst stoornis |
| Pancreascarcinoom is een aandoening waarbij men een verhoogd risico heeft op het ontwikkelen van angststoonis/depressie? | depressie |
| SLE (lupus) is een aandoening waarbij men een verhoogd risico heeft op het ontwikkelen van angststoonis/depressie? | depressie |
| DM is een aandoening waarbij men een verhoogd risico heeft op het ontwikkelen van angststoonis/depressie? | depressie |
| RA (reumatoide)is een aandoening waarbij men een verhoogd risico heeft op het ontwikkelen van angststoonis/depressie? | depressie |
| Parkinson is een aandoening waarbij men een verhoogd risico heeft op het ontwikkelen van angststoonis en/of depressie? | depressie en angst |
| hyperparathyreoïdie is een aandoening waarbij men een verhoogd risico heeft op het ontwikkelen van angststoonis en/of depressie? | depressie |
| hypocalciëmie is een aandoening waarbij men een verhoogd risico heeft op het ontwikkelen van angststoonis en/of depressie? | angst |
| Lues is een aandoening waarbij men een verhoogd risico heeft op het ontwikkelen van angststoonis en/of depressie? | depressie |
| toxoplasmose is een aandoening waarbij men een verhoogd risico heeft op het ontwikkelen van angststoonis en/of depressie? | depressie |
| Voedingsdeficiënties B12 is een aandoening waarbij men een verhoogd risico heeft op het ontwikkelen van angststoonis en/of depressie? | angst en depressie |
| Life time prevalentie angststoornis? | 19% |
| Meer mannen of meer vrouwen angststoornis? | vrouwen |
| voorkeursleeftijd angststoornis? | 25-44 jaar |
| Zet in volgorde van voorkomen (meest naar minst): sociale fobie, specifieke fobie, GAS, paniekstoornis | Specifieke fobie > Sociale fobie > Paniekstoornis > GAS. |
| Hoeveel % van de angststoornissen herstelt spontaan? | 25% |
| Zijn angststoornissen genetisch bepaald? Zo ja geef een % | 40% |
| WElke structuur in de hersenen is het meest betrokken bij angst | locus coeruleus |
| DD bij angststoonissen? | -somatische uitlokker, ziektes? -zijn er paniekaanvallen? -Zo ja, wanneer uigelokt en zo steeds specifieker |
| Hoe kan men een onderscheidt maken tussen een persoonlijkheidsstoornis uit het C cluster en een angststoornis? | Persoonlijkheidsstoornis zal eerder zijn ontstaan |
| Welke angststoornis wordt nooit medicamenteus behandeld? | specifieke fobie |
| Start men direct met CGT bij een angststoornis? | Nee, eerst psycho-educatie |
| Beschrijf medicamenteuze behandeling angststoornis | 1) SSRI, non respons bij paniekst. of GAS TCA 2) Benzo als de angst toeneemt door 1 3) Bij GAS Buspiron 4) geen respons op antidepressiva-> benzo 5) MAO bij non respons sociale fobie en paniek |
| Na welke periode kan men het effect van medicamenten bij angst beoordelen? | 6 weken |
| Na hoeveel weken kan men het effect van medicamenten bij een sociale fobie beoordelen? | 12 weken |
| Buspiron bij? | GAS, niet bij sociale, paniek en OCS |
| Behandeling OCD? | hoge dosering SSRI, CGT 70% reductie symptomen |
| Tot welke soort medicamenten behoort Buspiron? | anti-depressivum |
| Hoe groot is het placebo effect bij angststoornissen? | 50% |
| Noem de drie soorten medicamenten bij angststoornissen? | -antidepressiva met een serotonerge werking SSRI -benzo -anti-epileptica (Buspiron) |
| Noem de naam van een anti-epilepticum bij angststoornissen? | Pregabaline |
| Pregabaline voorschrijven bij? | angststoornissen |
| Wat is het probleem met benzo's? | risico van afhankelijkheid |
| Wat is de duur van gebruik van benzo's | 4 weken |
| Op welk systeem grijpen anti-epileptica bij angststoornissen aan ? | pregabaline, is een GABA analogon zonder werking op de GABAerge transmissie |
| Hebben benzo's veel bijwerkingen? | nee, 15% kan ze niet verdragen |
| Wat is de gemiddelde duur van klachtgerichte CGT bij angststoornissen? | 12-18 zittingen (1-2 per week van 1uur) |
| Noem een thema dat centraal staat bij CGT bij angststoornissen? | shaping |
| Is CGT bewezen effectief bij psychotische stoornissen? | ja |
| Is CGT bewezen effectief bij persoonlijkheidsstoornissen? | ja |
| prevalentie depressie? | 15,4% |
| prevalentie dysthyme stoornis? | 6% |
| Om de spreken van een MDD moet men minstens 1 van welke twee symptomen hebben? | anhedonie depressieve stemming |
| Welke periode moet men symptomen ondervinden om te kunnen spreken van een MDD? | minstens 2 weken |
| na welke periode spreekt men van gecompliceerde rouw (depressie) ipv normale rouw> | ernstige symptomen langer dan 2 maanden |
| wat bedoeld men met de conatieve symptomen van depressie? | Vertraagde motoriek, verminderde mimiek, bewegingsarmoede, ineengezakte houding, trage spraak. Of juist psychomotorische agitatie: rusteloosheid, ijsberen en handenwringen |
| wanneer kan men spreken van een dysthyme stoornis? | te weinig symptomen (<5) voor een MDD maar langer dan 2 jaar |
| wat is kenmerkend aan een depressieve episode met psychotische kenmerken? | stemmingscongruente wanen |
| Noem 8 geneesmiddelen die bij gebruik gepaard kunnen gaan met stemmingsklachten? | -analgetica -cytostatica -orale anticonceptiva -Anticholinergica -Antihypertensiva -Corticosteroiden -Hartmiddelen -antipsychotica |
| Noem 3 types wanen en leg uit | paranoïde wanen beïnvloedingswanen betrekkingswanen |
| prevalentie psychotische stoornis? | 1% |
| Noem 8 soorten psychotische stoornissen | Schizofrenie Schizofreniforme stoornis Schizoaffectieve stoornis Waanstoornis Kortdurende psychotische stoornis Gedeelde psychotische stoornis Psychotische stoornis door een somatische aandoening Psychotische stoornis door een middel |
| REcidief percentage schizofrenie? | 75% |
| Verschil schizofrenie en schizofreniforme stoornis? | Volledig periodiek hersel bij schizofreniforme stoornis (langer dan een maand korter dan 6 maanden) terwijl schizofrenie langer dan 6 maanden |
| Waanstoornis, 3 belangrijkste kenmerken? | Geen bizarre wanen, geen negatieve symptomen, prevalentie 0,03% (minimaal 1 maand) |
| Duur van de kortdurende psychotische stoornis? | minstens 1 dag maar minder dan 1 maand, met volledig herstel |
| drie types van positieve symptomen psychotische stoornis? | -gestoord realiteitsbesef -cognitieve desorganisatie -inadequaat affect |
| nemen de negatieve symptomen af of juist toe bij psychotische stoornis in de loop der tijd? | af, maar ze zijn wel minder goed te behandelen met antipsychotica |
| noem de risicofactoren voor schizofrenie? | -jong volwassen leeftijd -erfelijkheid (50% 2 ouders, 2% oom of tante) -sociale demografische factoren: imigranten, bevolkingsdichtheid -ontwikkelingsstoornissen -Zwangerschapscomplicaties (geen keizersnede) |
| rol neurotransmitters psychotische stoornis? | overactiviteit dopaminerge systeem limbisch systeem (ventraal tegmentaal gebied VTA), blokkade D2-dopamine receptoren glutamaat: disfunctie NMDA receptoren, negatieve symptomen |
| rol neurotransmitters paniekstoornis? | GABA-a receptor dysfunctie, GABA belangrijkste inhiberende neurotransmitter |
| rol neurotransmitters depressieve stoornis? | serotonine (5-Hydroxytryptamine; 5-HT), verminderde opname productie (raphe kernen, synthese uit Triptofaan) is het probleem. verminderde hoeveelheid noradrenaline |
| wat is de rol van acetylcholine bij psychische stoornissen? | extrapiramidale stoornissen |
| Werkzaamheid antipsychotica psychotische stoornis? | 70% verdwijnen de psychotische verschijnselen binnen 10 weken |
| Op welke manier verschillen de antipsychotica onderling? | in bijwerking niet in werking |
| Noem een bijzonder antipsychoticum en haar bijwerking | Clozapine, 1% agranulocytose |
| Bijwerkingen antipsychotica? maak onderscheid tussen late en vroege symptomen en noem eem bijwerking die extra aandacht verdient | direct: acute dystonieen, parkinsionisme, acathisie laat: tardieve dyskinesie na enkele dagen weken: maligne neuroleptica syndroom |
| Wat is MNS (maligne neuroleptica syndroom) | algehele extrapiramidale rigiditeit, onwillekeurige bewegingen en hyperthermie, vaak gecombineerd met dysartrie, dysfagie (slikstoornis) en – door algehele rabdomyolyse-> ook autonome ZS ontregeling en bewustzst voorafgaande factor: warmte |
| waar leidt het MNS (maligne neuroleptica syndroom) toe? behandeling | rabdomyolyse->nierfalen nierinsuff,hyperthermie + tachycardie Toediening van het antipsychoticum staken Ondersteuning vitale functies, externe afkoeling en rehydratie is het belangrijkst. |